BWBR0034479
Geldig vanaf 24-12-2013
Artikel 2
Samenwerking Musea
Het doel van de deelregeling is bijzondere en duurzame samenwerking van musea onderling al dan niet met andere maatschappelijke partners te stimuleren. De regeling is van kracht tot en met 31 december 2016. Voor de regeling is maximaal 8 miljoen euro inclusief overheadkosten beschikbaar.
1. Een bijdrage kan worden aangevraagd door een museum dat is opgenomen in het Museumregister tezamen met één of meerdere andere musea binnen Nederland of internationaal en/of met een maatschappelijke partner (zoals onderwijs, andere culturele instellingen, bedrijfsleven en publiek).
2. Een bijdrage kan worden verstrekt als tegemoetkoming voor een samenwerking die beoogt bij te dragen aan een gemeenschappelijk resultaat door een gezamenlijke inspanning op ten minste een van de volgende gebieden: – toename van het publieksbereik door meer en/of nieuw publiek;
– grotere zichtbaarheid van de collectie;
– gedeelde en/of geborgde museale kennis;
– rendabelere bedrijfsvoering door kostenreductie of omzetverhoging.
– toename van het publieksbereik door meer en/of nieuw publiek;
– grotere zichtbaarheid van de collectie;
– gedeelde en/of geborgde museale kennis;
– rendabelere bedrijfsvoering door kostenreductie of omzetverhoging.
3. Een bijdrage kan worden verstrekt als tegemoetkoming voor een samenwerking die beoogt bij te dragen aan haalbaarheidsonderzoeken zoals: – het voorbereiden van verregaande vormen van samenwerking of fusie;
– het inhuren van specifieke expertise, die leidt tot nauwere samenwerking op voornoemde gebieden;
– het onderzoeken van best practises;
– het aangaan van intensieve (internationale) samenwerking.
– het voorbereiden van verregaande vormen van samenwerking of fusie;
– het inhuren van specifieke expertise, die leidt tot nauwere samenwerking op voornoemde gebieden;
– het onderzoeken van best practises;
– het aangaan van intensieve (internationale) samenwerking.
4. In de toelichting bij het aanvraagformulier zijn het maximale percentage van de tegemoetkoming en de hoogte van de eigen bijdrage genoemd.
5. Indien het samenwerkingsinitiatief gepaard gaat met het afstoten van belangrijke (deel-) collecties moet dat zorgvuldig gebeuren en, indien van toepassing, volgens het waarderingsstelsel van de RCE worden uitgevoerd.
1. Een bijdrage kan worden aangevraagd door een museum dat is opgenomen in het Museumregister tezamen met één of meerdere andere musea binnen Nederland of internationaal en/of met een maatschappelijke partner (zoals onderwijs, andere culturele instellingen, bedrijfsleven en publiek).
2. Een bijdrage kan worden verstrekt als tegemoetkoming voor een samenwerking die beoogt bij te dragen aan een gemeenschappelijk resultaat door een gezamenlijke inspanning op ten minste een van de volgende gebieden: – toename van het publieksbereik door meer en/of nieuw publiek;
– grotere zichtbaarheid van de collectie;
– gedeelde en/of geborgde museale kennis;
– rendabelere bedrijfsvoering door kostenreductie of omzetverhoging.
– toename van het publieksbereik door meer en/of nieuw publiek;
– grotere zichtbaarheid van de collectie;
– gedeelde en/of geborgde museale kennis;
– rendabelere bedrijfsvoering door kostenreductie of omzetverhoging.
3. Een bijdrage kan worden verstrekt als tegemoetkoming voor een samenwerking die beoogt bij te dragen aan haalbaarheidsonderzoeken zoals: – het voorbereiden van verregaande vormen van samenwerking of fusie;
– het inhuren van specifieke expertise, die leidt tot nauwere samenwerking op voornoemde gebieden;
– het onderzoeken van best practises;
– het aangaan van intensieve (internationale) samenwerking.
– het voorbereiden van verregaande vormen van samenwerking of fusie;
– het inhuren van specifieke expertise, die leidt tot nauwere samenwerking op voornoemde gebieden;
– het onderzoeken van best practises;
– het aangaan van intensieve (internationale) samenwerking.
4. In de toelichting bij het aanvraagformulier zijn het maximale percentage van de tegemoetkoming en de hoogte van de eigen bijdrage genoemd.
5. Indien het samenwerkingsinitiatief gepaard gaat met het afstoten van belangrijke (deel-) collecties moet dat zorgvuldig gebeuren en, indien van toepassing, volgens het waarderingsstelsel van de RCE worden uitgevoerd.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0034479
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl