BWBR0034658
Geldig vanaf 01-01-2014
Artikel 14
Verordening op de Raad voor Geschillen
1. De Raad kan partijen, getuigen en overige belanghebbenden oproepen. De oproeping geschiedt per aangetekende verzending.
2. Leden van de NBA die als getuige zijn opgeroepen, zijn verplicht voor de Kamer te verschijnen en op de hun gestelde vragen te antwoorden.
3. Leden van de NBA die als getuige optreden kunnen de Kamer verzoeken van de verplichting tot antwoorden te worden verschoond. Dit verzoek dient met redenen te zijn omkleed. Het verzoek om verschoning wordt zo spoedig mogelijk behandeld.
4. Het bestuur van de NBA wordt in kennis gesteld indien een lid dat als getuige is opgeroepen:
a. niet is verschenen;
b. zonder toestemming van de Kamer weigert te antwoorden op de hem gestelde vragen.
2. Leden van de NBA die als getuige zijn opgeroepen, zijn verplicht voor de Kamer te verschijnen en op de hun gestelde vragen te antwoorden.
3. Leden van de NBA die als getuige optreden kunnen de Kamer verzoeken van de verplichting tot antwoorden te worden verschoond. Dit verzoek dient met redenen te zijn omkleed. Het verzoek om verschoning wordt zo spoedig mogelijk behandeld.
4. Het bestuur van de NBA wordt in kennis gesteld indien een lid dat als getuige is opgeroepen:
a. niet is verschenen;
b. zonder toestemming van de Kamer weigert te antwoorden op de hem gestelde vragen.
- Citeren als
- Art. 14
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0034658
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl