BWBR0035474
Geldig vanaf 01-10-2026
Artikel 4.14.9
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
1. De subsidieontvanger is verplicht de verstrekte subsidie en de rente volgens een in de beschikking tot subsidieverlening vastgelegd schema terug te betalen aan de minister. Het schema regelt een maandelijkse betaling die bestaat uit:
a. de terugbetaling van de subsidie;
b. een jaarlijkse basisrente van 6,9 procent per jaar over de som van het verschuldigde nog niet afgeloste deel van de hoofdsom van de subsidie, die rentedragend bij het uitstaand saldo aanwast op de laatste dag van het kalenderjaar waarin niet voldaan is aan de bij deze rente horende betalingsverplichting uit de beschikking tot subsidieverlening; en
c. voor zover van toepassing, de bij te late betaling verschuldigde wettelijke rente.
2. Het schema regelt tevens dat het uitstaande saldo uiterlijk binnen zeven jaar na subsidieverlening aan de minister wordt betaald.
3. De subsidieontvanger kan in afwijking van het schema de verstrekte subsidie en de verschenen rente boetevrij vervroegd volledig aflossen.
4. De minister kan in afwijking van het schema besluiten dat de verstrekte subsidie en de verschenen rente versneld of in een keer terugbetaald dienen te worden, indien:
a. de zaken waarvoor de subsidie is verkregen geheel of gedeeltelijk worden vervreemd;
b. de subsidieontvanger de subsidie heeft aangewend voor andere kosten dan de subsidiabele kosten.
5. De subsidieontvanger doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister indien zich een situatie zoals bedoeld in het vierde lid voordoet.
a. de terugbetaling van de subsidie;
b. een jaarlijkse basisrente van 6,9 procent per jaar over de som van het verschuldigde nog niet afgeloste deel van de hoofdsom van de subsidie, die rentedragend bij het uitstaand saldo aanwast op de laatste dag van het kalenderjaar waarin niet voldaan is aan de bij deze rente horende betalingsverplichting uit de beschikking tot subsidieverlening; en
c. voor zover van toepassing, de bij te late betaling verschuldigde wettelijke rente.
2. Het schema regelt tevens dat het uitstaande saldo uiterlijk binnen zeven jaar na subsidieverlening aan de minister wordt betaald.
3. De subsidieontvanger kan in afwijking van het schema de verstrekte subsidie en de verschenen rente boetevrij vervroegd volledig aflossen.
4. De minister kan in afwijking van het schema besluiten dat de verstrekte subsidie en de verschenen rente versneld of in een keer terugbetaald dienen te worden, indien:
a. de zaken waarvoor de subsidie is verkregen geheel of gedeeltelijk worden vervreemd;
b. de subsidieontvanger de subsidie heeft aangewend voor andere kosten dan de subsidiabele kosten.
5. De subsidieontvanger doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister indien zich een situatie zoals bedoeld in het vierde lid voordoet.
- Citeren als
- Art. 4.14.9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035474
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl