BWBR0036085
Geldig vanaf 01-01-2015
Artikel 24
Deelreglement Distributie van de Stichting Nederlands Fonds voor de film
1. De aanvrager voor een projectsubsidie dient de financiële bijdrage van het Fonds aantoonbaar in de aankoop van een nieuwe buitenlandse arthouse film te investeren. Deze filmproductie moet voldoen aan de criteria van het Puntensysteem van het Deelreglement Distributie en:
a) heeft aantoonbaar een maximum productiebudget van 5 miljoen;
b) wordt in minimaal 3 tot maximaal 12 kopieën uitgebracht;
c) haalt aantoonbaar in het Puntensysteem van het Deelreglement Distributie minstens 7 punten op de onderdelen A t/m D.
2. De filmproductie moet binnen twaalf maanden na subsidieverlening zijn aangekocht en binnen 24 maanden in Nederland zijn uitgebracht.
3. de MG die betaald wordt voor het verkrijgen van de Nederlandse rechten moet minimaal de helft van de verleende bijdrage beslaan.
4. Indien de financiële bijdrage van het Fonds de kosten van de MG overstijgt, dient de filmdistributeur eventueel resterende middelen te besteden aan marketingkosten van de betreffende filmproductie. In dat geval mag het aandeel in de financiering uit de fondsbijdrage niet hoger zijn 50% van de totale promotie- en marketingkosten van de filmproductie.
5. een filmproductie die is verkregen via een zogenaamde sublicentie dan wel in een pakket is aangekocht komt niet in aanmerking.
6. Als de MG naast Nederland ook de rechten voor de Benelux betreft, wordt het MG-bedrag toegerekend in de verdeling 2/3 Nederland, 1/3 België en Luxemburg.
a) heeft aantoonbaar een maximum productiebudget van 5 miljoen;
b) wordt in minimaal 3 tot maximaal 12 kopieën uitgebracht;
c) haalt aantoonbaar in het Puntensysteem van het Deelreglement Distributie minstens 7 punten op de onderdelen A t/m D.
2. De filmproductie moet binnen twaalf maanden na subsidieverlening zijn aangekocht en binnen 24 maanden in Nederland zijn uitgebracht.
3. de MG die betaald wordt voor het verkrijgen van de Nederlandse rechten moet minimaal de helft van de verleende bijdrage beslaan.
4. Indien de financiële bijdrage van het Fonds de kosten van de MG overstijgt, dient de filmdistributeur eventueel resterende middelen te besteden aan marketingkosten van de betreffende filmproductie. In dat geval mag het aandeel in de financiering uit de fondsbijdrage niet hoger zijn 50% van de totale promotie- en marketingkosten van de filmproductie.
5. een filmproductie die is verkregen via een zogenaamde sublicentie dan wel in een pakket is aangekocht komt niet in aanmerking.
6. Als de MG naast Nederland ook de rechten voor de Benelux betreft, wordt het MG-bedrag toegerekend in de verdeling 2/3 Nederland, 1/3 België en Luxemburg.
- Citeren als
- Art. 24
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0036085
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl