BWBR0001841
Geldig vanaf 1850-09-02
Artikel 18a
Wet op de Parlementaire Enquête
1. De getuigen en deskundigen worden in een openbare zitting van de commissie verhoord.
2. De commissie kan echter om gewichtige redenen besluiten een verhoor of een gedeelte daarvan niet in het openbaar af te nemen.
3. De leden en plaatsvervangende leden van de commissie bewaren geheimhouding omtrent hetgeen hun tijdens een besloten zitting ter kennis komt.
4. De aantekening, bedoeld in artikel 7, van een verhoor of een gedeelte van een verhoor als bedoeld in het tweede lid, wordt ter inzage gelegd van de leden van de Kamer of de verenigde vergadering door wie de commissie is ingesteld. De leden bewaren omtrent de inhoud van zodanige aantekening geheimhouding.
2. De commissie kan echter om gewichtige redenen besluiten een verhoor of een gedeelte daarvan niet in het openbaar af te nemen.
3. De leden en plaatsvervangende leden van de commissie bewaren geheimhouding omtrent hetgeen hun tijdens een besloten zitting ter kennis komt.
4. De aantekening, bedoeld in artikel 7, van een verhoor of een gedeelte van een verhoor als bedoeld in het tweede lid, wordt ter inzage gelegd van de leden van de Kamer of de verenigde vergadering door wie de commissie is ingesteld. De leden bewaren omtrent de inhoud van zodanige aantekening geheimhouding.