BWBR0001841
Geldig vanaf 01-10-1991
Artikel 25
Wet op de Parlementaire Enquête
1. Getuigen, die in hun onder ede afgelegde verklaringen feiten hebben vervalst, of tegen de waarheid voorgedragen, worden gestraft met de straffen tegen valse getuigenis in burgerlijke zaken bij het Wetboek van Strafrecht bedreigd.
2. Hij die schuldig is aan het omkopen van getuigen, wordt gestraft naar de voorschriften die in het Wetboek van Strafrecht over omkoping van getuigen zijn gegeven.
3. Het proces-verbaal van gehouden getuigenverhoor bezit de bewijskracht als omschreven in artikel 11.
2. Hij die schuldig is aan het omkopen van getuigen, wordt gestraft naar de voorschriften die in het Wetboek van Strafrecht over omkoping van getuigen zijn gegeven.
3. Het proces-verbaal van gehouden getuigenverhoor bezit de bewijskracht als omschreven in artikel 11.
- Citeren als
- Art. 25
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001841
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl