BWBR0002339
Geldig vanaf 2004-10-26
Artikel 17i
Waterleidingbesluit
1. Dit hoofdstuk is van toepassing op de eigenaar van een collectieve watervoorziening of een collectief leidingnet waarop direct of indirect tappunten als bedoeld in het vierde lid, zijn aangesloten, voor zover die tappunten aanwezig zijn:
a. in instellingen: 1. als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel 1, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
2. als bedoeld in artikel 5.2, onderdeel b, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
3. die een of meer vormen van zorg verlenen als bedoeld in artikel 1.2, nummers 17 tot en met 21, van het Uitvoeringsbesluit WTZi, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
1. als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel 1, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
2. als bedoeld in artikel 5.2, onderdeel b, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
3. die een of meer vormen van zorg verlenen als bedoeld in artikel 1.2, nummers 17 tot en met 21, van het Uitvoeringsbesluit WTZi, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
b. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een logiesfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, met uitzondering van zomerhuisjes, huisjes op volkstuincomplexen en gebouwen waar uitsluitend wordt overnacht door personen die ter plaatse werkzaam zijn;
c. in een opvangcentrum als bedoeld in artikel 1 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers,
d. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een celfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003,
e. in een badinrichting als bedoeld in artikel 1 van de Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden,
f. op een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of andere voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf,
g. in een haven met de daarbij behorende grond waar overwegend gelegenheid wordt gegeven voor het aanleggen, afmeren of afgemeerd houden van pleziervaartuigen.
2. De artikelen 17j, 17o, 17pen 17qzijn van overeenkomstige toepassing op de eigenaar van een waterleidingbedrijf, voor zover deze drinkwater aan derden ter beschikking stelt, met dien verstande dat voor de toepassing van artikel 17qgeldt dat:
a. het onderzoek naar de aanwezigheid van legionellabacteriën na de laatste zuiveringsstap tenminste halfjaarlijks wordt uitgevoerd,
b. het leidingwater in het distributiegebied van het waterleidingbedrijf onderzocht wordt overeenkomstig de frequentie, aangemerkt als «audit», aangegeven in tabel II van bijlage B.
3. Dit hoofdstuk is van overeenkomstige toepassing op de eigenaar van een waterleidingbedrijf, voor zover deze huishoudwater aan derden ter beschikking stelt.
4. Als tappunten, bedoeld in de aanhef van het eerste lid worden aangemerkt:
a. tappunten met een douche of andere appendage waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
b. tappunten die al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
c. tappunten waarvan de eigenaar redelijkerwijze kan weten of vermoeden dat deze al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
d. alle tappunten in een instelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, sub 1, voor zover het een afdeling hematologie of oncologie is, dan wel daar transplantaties worden uitgevoerd, of patiënten met chronische longaandoeningen of met immuunstoornissen verblijven.
a. in instellingen: 1. als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel 1, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
2. als bedoeld in artikel 5.2, onderdeel b, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
3. die een of meer vormen van zorg verlenen als bedoeld in artikel 1.2, nummers 17 tot en met 21, van het Uitvoeringsbesluit WTZi, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
1. als bedoeld in artikel 1.2, onderdeel 1, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
2. als bedoeld in artikel 5.2, onderdeel b, van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
3. die een of meer vormen van zorg verlenen als bedoeld in artikel 1.2, nummers 17 tot en met 21, van het Uitvoeringsbesluit WTZi, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
b. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een logiesfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, met uitzondering van zomerhuisjes, huisjes op volkstuincomplexen en gebouwen waar uitsluitend wordt overnacht door personen die ter plaatse werkzaam zijn;
c. in een opvangcentrum als bedoeld in artikel 1 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers,
d. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een celfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003,
e. in een badinrichting als bedoeld in artikel 1 van de Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden,
f. op een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of andere voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf,
g. in een haven met de daarbij behorende grond waar overwegend gelegenheid wordt gegeven voor het aanleggen, afmeren of afgemeerd houden van pleziervaartuigen.
2. De artikelen 17j, 17o, 17pen 17qzijn van overeenkomstige toepassing op de eigenaar van een waterleidingbedrijf, voor zover deze drinkwater aan derden ter beschikking stelt, met dien verstande dat voor de toepassing van artikel 17qgeldt dat:
a. het onderzoek naar de aanwezigheid van legionellabacteriën na de laatste zuiveringsstap tenminste halfjaarlijks wordt uitgevoerd,
b. het leidingwater in het distributiegebied van het waterleidingbedrijf onderzocht wordt overeenkomstig de frequentie, aangemerkt als «audit», aangegeven in tabel II van bijlage B.
3. Dit hoofdstuk is van overeenkomstige toepassing op de eigenaar van een waterleidingbedrijf, voor zover deze huishoudwater aan derden ter beschikking stelt.
4. Als tappunten, bedoeld in de aanhef van het eerste lid worden aangemerkt:
a. tappunten met een douche of andere appendage waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
b. tappunten die al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
c. tappunten waarvan de eigenaar redelijkerwijze kan weten of vermoeden dat deze al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
d. alle tappunten in een instelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, sub 1, voor zover het een afdeling hematologie of oncologie is, dan wel daar transplantaties worden uitgevoerd, of patiënten met chronische longaandoeningen of met immuunstoornissen verblijven.