BWBR0002339
Geldig vanaf 2004-10-26
Artikel 17o
Waterleidingbesluit
1. In geval van omstandigheden die, naar de eigenaar van de collectieve watervoorziening of het collectief leidingnet redelijkerwijze kan weten of vermoeden, gevaar of beletsel kunnen vormen voor het voldoen aan artikel 4, zevende lid, of artikel 17j, eerste lid, informeert hij terstond de toezichthouder en voert hij uit voorzorg de maatregelen en controles uit die met het oog op deze omstandigheden in het beheersplan zijn opgenomen of, voor zover daaromtrent in het beheersplan geen maatregelen zijn opgenomen dan wel geen beheersplan van toepassing is, de maatregelen en controles die in deze omstandigheden redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd, tenzij de toezichthouder anders voorschrijft. Tevens worden in dit geval de verbruikers terstond geïnformeerd en geadviseerd over de door hen te nemen maatregelen ter bescherming van hun gezondheid, tenzij de normoverschrijding naar het oordeel van de toezichthouder geen nadelige gevolgen heeft voor de gezondheid en het welzijn van de verbruikers.
2. Indien de eigenaar van de collectieve watervoorziening of het collectief leidingnet vaststelt dat leidingwater niet voldoet aan artikel 17j, eerste lid, ten gevolge van een oorzaak die gelegen is in een op zijn leidingnet aangesloten woninginstallatie, collectieve watervoorziening of collectief leidingnet, informeert hij terstond de eigenaar hiervan en adviseert hij deze over de te nemen herstelmaatregelen. Tevens informeert hij terstond de toezichthouder.
2. Indien de eigenaar van de collectieve watervoorziening of het collectief leidingnet vaststelt dat leidingwater niet voldoet aan artikel 17j, eerste lid, ten gevolge van een oorzaak die gelegen is in een op zijn leidingnet aangesloten woninginstallatie, collectieve watervoorziening of collectief leidingnet, informeert hij terstond de eigenaar hiervan en adviseert hij deze over de te nemen herstelmaatregelen. Tevens informeert hij terstond de toezichthouder.