BWBR0003602
Geldig vanaf 12-12-1983
Artikel 9
Reglement op de Tuchtrechtspraak van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst
1. Indien een feit dat tuchtrechtelijk kan worden afgedaan wordt begaan door een rechtspersoon of een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid, wordt een tuchtrechtelijke vervolging ingesteld en worden maatregelen genomen:
– hetzij tegen die rechtspersoon of die vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid;
– hetzij tegen hen, die tot het feit opdracht hebben gegeven aan de verboden gedraging;
– hetzij tegen beiden.
2. Indien een tuchtrechtelijke vervolging wordt ingesteld tegen een rechtspersoon wordt deze tijdens de vervolging vertegenwoordigd door de bestuurder, of indien er meer bestuurders zijn, door een van hen. De vertegenwoordiger kan bij gemachtigde verschijnen. De rechter kan de persoonlijke verschijning van een bepaalde bestuurder bevelen, hij kan alsdan zijn medebrenging gelasten.
3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing bij de tuchtrechtelijke vervolging van een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid.
– hetzij tegen die rechtspersoon of die vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid;
– hetzij tegen hen, die tot het feit opdracht hebben gegeven aan de verboden gedraging;
– hetzij tegen beiden.
2. Indien een tuchtrechtelijke vervolging wordt ingesteld tegen een rechtspersoon wordt deze tijdens de vervolging vertegenwoordigd door de bestuurder, of indien er meer bestuurders zijn, door een van hen. De vertegenwoordiger kan bij gemachtigde verschijnen. De rechter kan de persoonlijke verschijning van een bepaalde bestuurder bevelen, hij kan alsdan zijn medebrenging gelasten.
3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing bij de tuchtrechtelijke vervolging van een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0003602
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl