BWBR0003737
Geldig vanaf 1985-01-01
Artikel 3
Regeling uitvoer vers vlees en vleesbereidingen 1985
De eisen, bedoeld in artikel 68, eerste lid, van de Veewetzijn voor vers vlees van in Nederland geslachte dieren in kleinere delen dan bedoeld in de aanhef van het eerste lid van artikel 2de volgende:
a. het vlees moet zijn uitgesneden of uitgebeend dan wel van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien in een overeenkomstig artikel 9 erkende uitsnijderij;
b. het vlees moet zijn gesneden uit vlees ten aanzien waarvan is voldaan aan het bepaalde in artikel 2, met dien verstande dat, indien het vlees 1. met inachtneming van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG warm wordt uitgesneden dan wel
2. indien het rund- of varkensvlees betreft, in afwijking van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG wordt uitgesneden onder de voorwaarden, vastgesteld in de bijlage van Beschikking 87/260/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 28 april 1987, waarbij aan Nederland een afwijking wordt toegestaan en de gelijkwaardige gezondheidsvoorwaarden worden vastgesteld die in acht moeten worden genomen bij het uitsnijden van vers vlees (PbEG L 123), het bepaalde in artikel 2, eerste lid, onderdeel e, voor zover het betrekking heeft op de opslag van het vlees, niet geldt;
1. met inachtneming van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG warm wordt uitgesneden dan wel
2. indien het rund- of varkensvlees betreft, in afwijking van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG wordt uitgesneden onder de voorwaarden, vastgesteld in de bijlage van Beschikking 87/260/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 28 april 1987, waarbij aan Nederland een afwijking wordt toegestaan en de gelijkwaardige gezondheidsvoorwaarden worden vastgesteld die in acht moeten worden genomen bij het uitsnijden van vers vlees (PbEG L 123),
c. behoudens het geval, bedoeld in onderdeel b, sub 2, moet het vlees zijn uitgesneden of uitgebeend dan wel van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien en verkregen overeenkomstig hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG;
d. het vlees moet zijn opgeslagen overeenkomstig artikel 3, eerste lid, onderdeel B, sub c, van richtlijn 64/433/EEG;
e. het vlees moet zijn gekeurd door een officiële dierenarts, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, eerste lid, onderdeel B, sub d, van richtlijn 64/433/EEG;
f. het vlees moet op bevredigende hygiënische wijze worden behandeld overeenkomstig de hoofdstukken V en VII van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG en moet ter zake van de onmiddellijke en eindverpakking voldoen aan hoofdstuk XII van bijlage I van die richtlijn;
g. terzake van slachtafvallen moet zijn voldaan aan het bepaalde in artikel 3, eerste lid, onderdeel C, van richtlijn 64/433/EEG;
h. terzake van vers vlees dat overeenkomstig richtlijn 64/433/EEG in een op grond van artikel 9 erkend koel- of vrieshuis is opgeslagen en nadien geen andere behandeling dan voor opslag heeft ondergaan, moet worden voldaan aan het bepaalde in artikel 3, onderdeel D, eerste alinea, sub a, en tweede alinea, van richtlijn 64/433/EEG;
i. vers vlees en slachtafvallen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel d, van richtlijn 64/433/EEG, moeten, na verwijdering van de voor consumptie ongeschikte delen, een koudebehandeling ondergaan.
j. het vlees onderscheidenlijk de vlees bereidingen mag onderscheidenlijk mogen niet zijn: 1. separatorvlees, tenzij dit vlees een warmtebehandeling overeenkomstig richtlijn 77/99/EEg ondergaat;
2. gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram, van eenhoevigen;
3. gehakt dat slachtafvallen bevat;
4. van of met separatorvlees verkregen gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen.
5. voorzover het vlees afkomstig is van runderen, schapen of geiten; separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
1. separatorvlees, tenzij dit vlees een warmtebehandeling overeenkomstig richtlijn 77/99/EEg ondergaat;
2. gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram, van eenhoevigen;
3. gehakt dat slachtafvallen bevat;
4. van of met separatorvlees verkregen gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen.
5. voorzover het vlees afkomstig is van runderen, schapen of geiten; separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
k. het vlees moet zijn vervoerd overeenkomstig hoofdstuk XV van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG, met dien verstande dat voor zover het betreft gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram of vleesbereidingen, het vervoer moet geschieden met inachtneming van het bepaalde in hoofdstuk VIII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
l. voor zover het betreft gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen, dient: 1. het vlees te voldoen aan het bepaalde in de onderdelen a tot en met k;
2. de bereiding plaats te vinden in een overeenkomstig artikel 9, vierde lid, erkende werkplaats;
3. op de verpakking het keurmerk voor te komen overeenkomstig hoofdstuk VII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
4. op de verpakking voor controledoeleinden, zichtbaar en leesbaar, naast de in richtlijn 79/112/EEG voorgeschreven gegevens de volgende gegevens te zijn vermeld: de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
5. onverminderd de subonderdelen 3 en 4, bij vlees dat is verpakt in handelsporties die bestemd zijn voor rechtstreekse verkoop aan de verbruiker op de verpakking zelf of op een op de verpakking bevestigd etiket een reproduktie van het in subonderdeel 3 voorgeschreven keurmerk voor te komen. Daarin moet het erkenningsnummer van de betrokken inrichting staan. De in richtlijnen 64/433/EEG en 77/99/EEG voorgeschreven afmetingen gelden niet voor de reproduktie van het keurmerk, op voorwaarde dat de verplichte vermeldingen leesbaar blijven;
1. het vlees te voldoen aan het bepaalde in de onderdelen a tot en met k;
2. de bereiding plaats te vinden in een overeenkomstig artikel 9, vierde lid, erkende werkplaats;
3. op de verpakking het keurmerk voor te komen overeenkomstig hoofdstuk VII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
4. op de verpakking voor controledoeleinden, zichtbaar en leesbaar, naast de in richtlijn 79/112/EEG voorgeschreven gegevens de volgende gegevens te zijn vermeld: de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
5. onverminderd de subonderdelen 3 en 4, bij vlees dat is verpakt in handelsporties die bestemd zijn voor rechtstreekse verkoop aan de verbruiker op de verpakking zelf of op een op de verpakking bevestigd etiket een reproduktie van het in subonderdeel 3 voorgeschreven keurmerk voor te komen. Daarin moet het erkenningsnummer van de betrokken inrichting staan. De in richtlijnen 64/433/EEG en 77/99/EEG voorgeschreven afmetingen gelden niet voor de reproduktie van het keurmerk, op voorwaarde dat de verplichte vermeldingen leesbaar blijven;
m. voor zover het betreft gehakt dient onverminderd het bepaalde in onderdeel l: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk III van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. de benaming ‘gehakt van mager vlees’ of ‘gehakt’, eventueel verbonden met de naam van de diersoort waarvan het vlees afkomstig is, slechts gebruikt te worden voor produkten die bestemd zijn voor de eindverbruiker welke voldoen aan de eisen van bijlage II, punt I, van richtlijn 88/657/EEG;
3. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk III van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. de benaming ‘gehakt van mager vlees’ of ‘gehakt’, eventueel verbonden met de naam van de diersoort waarvan het vlees afkomstig is, slechts gebruikt te worden voor produkten die bestemd zijn voor de eindverbruiker welke voldoen aan de eisen van bijlage II, punt I, van richtlijn 88/657/EEG;
3. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
n. voor zover het betreft vlees in stukken van minder dan 100 gram dient onverminderd het bepaalde in onderdeel I: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk II van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk II van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
o. voor zover het betreft vleesbereidingen dient onverminderd het bepaalde in onderdeel l: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk IV van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover de vleesbereidingen gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram bevatten en bestemd zijn voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met e, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk IV van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover de vleesbereidingen gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram bevatten en bestemd zijn voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met e, van richtlijn 88/657/EEG;
p. voor zover het vlees betreft dat in een op grond van artikel 9 erkend herverpakkingscentrum, nadat de eindverpakking is verwijderd, opnieuw van een eindverpakking is voorzien, is voldaan aan artikel 3, eerste lid, onderdelen A tot en met D, van richtlijn 64/433/EEG;
q. voor zover van toepassing wordt voldaan aan verordening 999/2001/EG;
r. is voldaan aan: 1°. de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003;
2°. de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van verordening 1830/2003.
1°. de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003;
2°. de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van verordening 1830/2003.
a. het vlees moet zijn uitgesneden of uitgebeend dan wel van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien in een overeenkomstig artikel 9 erkende uitsnijderij;
b. het vlees moet zijn gesneden uit vlees ten aanzien waarvan is voldaan aan het bepaalde in artikel 2, met dien verstande dat, indien het vlees 1. met inachtneming van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG warm wordt uitgesneden dan wel
2. indien het rund- of varkensvlees betreft, in afwijking van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG wordt uitgesneden onder de voorwaarden, vastgesteld in de bijlage van Beschikking 87/260/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 28 april 1987, waarbij aan Nederland een afwijking wordt toegestaan en de gelijkwaardige gezondheidsvoorwaarden worden vastgesteld die in acht moeten worden genomen bij het uitsnijden van vers vlees (PbEG L 123), het bepaalde in artikel 2, eerste lid, onderdeel e, voor zover het betrekking heeft op de opslag van het vlees, niet geldt;
1. met inachtneming van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG warm wordt uitgesneden dan wel
2. indien het rund- of varkensvlees betreft, in afwijking van het bepaalde in nummer 46, onderdeel d, van hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG wordt uitgesneden onder de voorwaarden, vastgesteld in de bijlage van Beschikking 87/260/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 28 april 1987, waarbij aan Nederland een afwijking wordt toegestaan en de gelijkwaardige gezondheidsvoorwaarden worden vastgesteld die in acht moeten worden genomen bij het uitsnijden van vers vlees (PbEG L 123),
c. behoudens het geval, bedoeld in onderdeel b, sub 2, moet het vlees zijn uitgesneden of uitgebeend dan wel van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien en verkregen overeenkomstig hoofdstuk IX van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG;
d. het vlees moet zijn opgeslagen overeenkomstig artikel 3, eerste lid, onderdeel B, sub c, van richtlijn 64/433/EEG;
e. het vlees moet zijn gekeurd door een officiële dierenarts, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, eerste lid, onderdeel B, sub d, van richtlijn 64/433/EEG;
f. het vlees moet op bevredigende hygiënische wijze worden behandeld overeenkomstig de hoofdstukken V en VII van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG en moet ter zake van de onmiddellijke en eindverpakking voldoen aan hoofdstuk XII van bijlage I van die richtlijn;
g. terzake van slachtafvallen moet zijn voldaan aan het bepaalde in artikel 3, eerste lid, onderdeel C, van richtlijn 64/433/EEG;
h. terzake van vers vlees dat overeenkomstig richtlijn 64/433/EEG in een op grond van artikel 9 erkend koel- of vrieshuis is opgeslagen en nadien geen andere behandeling dan voor opslag heeft ondergaan, moet worden voldaan aan het bepaalde in artikel 3, onderdeel D, eerste alinea, sub a, en tweede alinea, van richtlijn 64/433/EEG;
i. vers vlees en slachtafvallen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel d, van richtlijn 64/433/EEG, moeten, na verwijdering van de voor consumptie ongeschikte delen, een koudebehandeling ondergaan.
j. het vlees onderscheidenlijk de vlees bereidingen mag onderscheidenlijk mogen niet zijn: 1. separatorvlees, tenzij dit vlees een warmtebehandeling overeenkomstig richtlijn 77/99/EEg ondergaat;
2. gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram, van eenhoevigen;
3. gehakt dat slachtafvallen bevat;
4. van of met separatorvlees verkregen gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen.
5. voorzover het vlees afkomstig is van runderen, schapen of geiten; separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
1. separatorvlees, tenzij dit vlees een warmtebehandeling overeenkomstig richtlijn 77/99/EEg ondergaat;
2. gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram, van eenhoevigen;
3. gehakt dat slachtafvallen bevat;
4. van of met separatorvlees verkregen gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen.
5. voorzover het vlees afkomstig is van runderen, schapen of geiten; separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
separatorvlees afkomstig van beenderen als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 3, van verordening 999/2001/EG;
vlees van dieren die de in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 4, van verordening 999/2001/EG bedoelde vernietiging van het weefsel van het centrale zenuwstelsel hebben ondergaan;
vlees van dieren waarbij het gespecificeerd risicomateriaal als bedoeld in bijlage XI, hoofdstuk A, punt 1, onder a, van verordening 999/2001/EG, voorzover van toepassing, niet overeenkomstig bijlage XI, hoofdstuk A, punt 5, 10 en 11, van verordening 999/2001/EG is verwijderd met dien verstande dat bij vlees van vóór 12 april 2001 uitgesneden of uitgebeende runderen ouder dan twaalf maanden de wervelkolom, inclusief achterwortelganglia, met uitzondering van de staartwervels, niet behoeft te worden verwijderd;
k. het vlees moet zijn vervoerd overeenkomstig hoofdstuk XV van bijlage I van richtlijn 64/433/EEG, met dien verstande dat voor zover het betreft gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram of vleesbereidingen, het vervoer moet geschieden met inachtneming van het bepaalde in hoofdstuk VIII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
l. voor zover het betreft gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen, dient: 1. het vlees te voldoen aan het bepaalde in de onderdelen a tot en met k;
2. de bereiding plaats te vinden in een overeenkomstig artikel 9, vierde lid, erkende werkplaats;
3. op de verpakking het keurmerk voor te komen overeenkomstig hoofdstuk VII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
4. op de verpakking voor controledoeleinden, zichtbaar en leesbaar, naast de in richtlijn 79/112/EEG voorgeschreven gegevens de volgende gegevens te zijn vermeld: de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
5. onverminderd de subonderdelen 3 en 4, bij vlees dat is verpakt in handelsporties die bestemd zijn voor rechtstreekse verkoop aan de verbruiker op de verpakking zelf of op een op de verpakking bevestigd etiket een reproduktie van het in subonderdeel 3 voorgeschreven keurmerk voor te komen. Daarin moet het erkenningsnummer van de betrokken inrichting staan. De in richtlijnen 64/433/EEG en 77/99/EEG voorgeschreven afmetingen gelden niet voor de reproduktie van het keurmerk, op voorwaarde dat de verplichte vermeldingen leesbaar blijven;
1. het vlees te voldoen aan het bepaalde in de onderdelen a tot en met k;
2. de bereiding plaats te vinden in een overeenkomstig artikel 9, vierde lid, erkende werkplaats;
3. op de verpakking het keurmerk voor te komen overeenkomstig hoofdstuk VII van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
4. op de verpakking voor controledoeleinden, zichtbaar en leesbaar, naast de in richtlijn 79/112/EEG voorgeschreven gegevens de volgende gegevens te zijn vermeld: de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
de diersoort of de diersoorten waarvan het vlees afkomstig is en, in geval van een mengsel, het percentage van elke soort, voor zover dat niet duidelijk blijkt uit de verkoopbenaming van het produkt;
de datum van de bereiding;
de vermelding ‘vetpercentage lager dan …’;
de vermelding ‘verhouding collageen/vleeseiwit minder dan …’;
5. onverminderd de subonderdelen 3 en 4, bij vlees dat is verpakt in handelsporties die bestemd zijn voor rechtstreekse verkoop aan de verbruiker op de verpakking zelf of op een op de verpakking bevestigd etiket een reproduktie van het in subonderdeel 3 voorgeschreven keurmerk voor te komen. Daarin moet het erkenningsnummer van de betrokken inrichting staan. De in richtlijnen 64/433/EEG en 77/99/EEG voorgeschreven afmetingen gelden niet voor de reproduktie van het keurmerk, op voorwaarde dat de verplichte vermeldingen leesbaar blijven;
m. voor zover het betreft gehakt dient onverminderd het bepaalde in onderdeel l: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk III van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. de benaming ‘gehakt van mager vlees’ of ‘gehakt’, eventueel verbonden met de naam van de diersoort waarvan het vlees afkomstig is, slechts gebruikt te worden voor produkten die bestemd zijn voor de eindverbruiker welke voldoen aan de eisen van bijlage II, punt I, van richtlijn 88/657/EEG;
3. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk III van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. de benaming ‘gehakt van mager vlees’ of ‘gehakt’, eventueel verbonden met de naam van de diersoort waarvan het vlees afkomstig is, slechts gebruikt te worden voor produkten die bestemd zijn voor de eindverbruiker welke voldoen aan de eisen van bijlage II, punt I, van richtlijn 88/657/EEG;
3. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
n. voor zover het betreft vlees in stukken van minder dan 100 gram dient onverminderd het bepaalde in onderdeel I: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk II van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk II van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover het vlees bestemd is voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met d, van richtlijn 88/657/EEG;
o. voor zover het betreft vleesbereidingen dient onverminderd het bepaalde in onderdeel l: 1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk IV van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover de vleesbereidingen gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram bevatten en bestemd zijn voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met e, van richtlijn 88/657/EEG;
1. de bereiding, verpakking en opslag plaats te vinden overeenkomstig hoofdstuk IV van bijlage I van richtlijn 88/657/EEG;
2. voor zover de vleesbereidingen gehakt of vlees in stukken van minder dan 100 gram bevatten en bestemd zijn voor een lidstaat of Noorwegen voldaan te zijn aan het bepaalde in artikel 3, tweede lid, aanhef, en onderdelen a tot en met e, van richtlijn 88/657/EEG;
p. voor zover het vlees betreft dat in een op grond van artikel 9 erkend herverpakkingscentrum, nadat de eindverpakking is verwijderd, opnieuw van een eindverpakking is voorzien, is voldaan aan artikel 3, eerste lid, onderdelen A tot en met D, van richtlijn 64/433/EEG;
q. voor zover van toepassing wordt voldaan aan verordening 999/2001/EG;
r. is voldaan aan: 1°. de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003;
2°. de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van verordening 1830/2003.
1°. de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003;
2°. de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van verordening 1830/2003.