BWBR0003737
Geldig vanaf 1985-01-01
Artikel 9a
Regeling uitvoer vers vlees en vleesbereidingen 1985
1. De exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van een op grond van artikel 9 erkend slachthuis, erkende uitsnijderij, erkend koel- of vrieshuis, erkende werkplaats of herverpakkinscentrum "herverpakkinscentrum" moet zijn "herverpakkingscentrum"verricht de controles, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van richtlijn 64/433/EEG, en is desverzocht in staat de officiële dierenarts of de veterinaire deskundigen van de Commissie in kennis te stellen van aard, frequentie en resultaat van de verrichte controles, alsmede, zo nodig, van de naam van het controlelaboratorium, met dien verstande dat:
a. de exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van een erkend slachthuis, een erkende uitsnijderij of een erkend koel- of vrieshuis de algemene hygiëne bij de productie, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van richtlijn 64/433/EEG, controleert door het uitwerken en toepassen van een permanente procedure overeenkomstig artikel 1 van beschikking 2001/471/EG;
b. de exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van een erkend slachthuis of een erkende uitsnijderij de microbiologische controles, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van richtlijn 64/433/EEG, uitvoert, voorzover van toepassing, overeenkomstig de procedure beschreven in de bijlage bij beschikking 2001/471/EG, dan wel overeenkomstig een door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport goedgekeurde procedure, die tenminste gelijkwaardig is aan de in de bijlage bij beschikking 2001/471/EG beschreven procedure.
2. Voor de toepassing van artikel 1, tweede lid, van beschikking 2001/471/EG kan de exploitant, eigenaar of vertegenwoordiger gebruik maken van de aanvulling op de hygiënecode voor slachterijen en uitsnijderijen van de Productschappen voor Vee, Vlees en Eieren van 17 mei 2002 met de titel 'Uitvoering van de Beschikking 2001/471/EG voor slachterijen, uitsnijderijen en koel- en vrieshuizen in de roodvleessector (rund, kalf, varken, paard, schaap en geit)'.
a. de exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van een erkend slachthuis, een erkende uitsnijderij of een erkend koel- of vrieshuis de algemene hygiëne bij de productie, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van richtlijn 64/433/EEG, controleert door het uitwerken en toepassen van een permanente procedure overeenkomstig artikel 1 van beschikking 2001/471/EG;
b. de exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van een erkend slachthuis of een erkende uitsnijderij de microbiologische controles, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van richtlijn 64/433/EEG, uitvoert, voorzover van toepassing, overeenkomstig de procedure beschreven in de bijlage bij beschikking 2001/471/EG, dan wel overeenkomstig een door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport goedgekeurde procedure, die tenminste gelijkwaardig is aan de in de bijlage bij beschikking 2001/471/EG beschreven procedure.
2. Voor de toepassing van artikel 1, tweede lid, van beschikking 2001/471/EG kan de exploitant, eigenaar of vertegenwoordiger gebruik maken van de aanvulling op de hygiënecode voor slachterijen en uitsnijderijen van de Productschappen voor Vee, Vlees en Eieren van 17 mei 2002 met de titel 'Uitvoering van de Beschikking 2001/471/EG voor slachterijen, uitsnijderijen en koel- en vrieshuizen in de roodvleessector (rund, kalf, varken, paard, schaap en geit)'.