BWBR0005496
Geldig vanaf 1992-05-01
Artikel 4
Besluit goederenvervoer over de weg
1. Artikel 5, eerste en derde lid, en artikel 15, eerste lid, van de wetzijn niet van toepassing op:
a. vervoer van landbouwprodukten of goederen, te gebruiken bij het verrichten van landbouwwerkzaamheden, met een motorvoertuig als bedoeld in artikel 1.1, onderdeelab of onderdeel ap, van het Voertuigreglement, alsmede de daardoor voortbewogen aanhangwagens, mits het betreft eigen vervoer verricht door een landbouwer ten dienste van zijn landbouwbedrijf, dan wel vervoer dat plaatsvindt rechtstreeks ten behoeve van een landbouwbedrijf en onmiddellijk vooraf gaat aan of volgt op, alsmede in direct verband staat met de uitvoering van landbouwwerkzaamheden;
b. eigen vervoer, verricht met vrachtauto’s waarmede onbeladen geen hogere snelheid bereikbaar is dan 10 km per uur;
c. vervoer van melk in melkbussen van veehouderijen naar zuivelfabrieken alsmede vervoer van daartoe gebruikte melkbussen van de zuivelfabriek naar de veehouderij terug;
d. vervoer van kranten, tijdschriften, reclamedrukwerken, verricht in een distributie- of verspreidbedrijf, mits dit bedrijf de beschikking heeft over niet meer dan één vrachtauto of over twee vrachtauto's, mits één daarvan een aanhangwagen is, en waarbij geldt dat het ledig gewicht, vermeerderd met het laadvermogen, van de vrachtauto, dan wel van de beide vrachtauto’s gezamenlijk, niet meer mag bedragen dan 3500 kg;
e. vervoer binnen Nederland of naar Nederland van voertuigen met toebehoren die tengevolge van een defect van het voertuig, ongeval of uitvallen van de bestuurder hun bestemming niet zonder hulp kunnen bereiken, alsmede vervoer binnen Nederland van in beslag genomen voertuigen, voor zover verricht met daartoe speciaal ingerichte vrachtauto’s met een maximum laadvermogen van 3500 kg, en overeenkomstige aanhangwagens met een maximum laadvermogen van 1500 kg, in opdracht van organisaties, die zich krachtens polisvoorwaarden of lidmaatschap jegens verzekerden, dan wel leden hebben verbonden tot hulpverlening in vorengenoemde omstandigheden, dan wel in opdracht van Nederlandse overheidsinstanties.
2. Artikel 5, eerste lid, van de wetis niet van toepassing op:
a. beroepsvervoer binnen Nederland door en in opdracht van houders van een inschrijving eigen vervoer onderling van betonmortelspecie met daartoe speciaal ingerichte vrachtauto’s van de betonmortelfabriek naar in aanbouw zijnde bouwobjecten;
b. beroepsvervoer binnen Nederland, dat slechts een geringe weerslag op de vervoermarkt heeft wegens de aard van de vervoerde goederen of de geringe afstand die wordt afgelegd, en op grond daarvan door Onze Minister na raadpleging van de Europese Commissie is vrijgesteld van de toepassing van richtlijn nr. 96/26/EG.
a. vervoer van landbouwprodukten of goederen, te gebruiken bij het verrichten van landbouwwerkzaamheden, met een motorvoertuig als bedoeld in artikel 1.1, onderdeelab of onderdeel ap, van het Voertuigreglement, alsmede de daardoor voortbewogen aanhangwagens, mits het betreft eigen vervoer verricht door een landbouwer ten dienste van zijn landbouwbedrijf, dan wel vervoer dat plaatsvindt rechtstreeks ten behoeve van een landbouwbedrijf en onmiddellijk vooraf gaat aan of volgt op, alsmede in direct verband staat met de uitvoering van landbouwwerkzaamheden;
b. eigen vervoer, verricht met vrachtauto’s waarmede onbeladen geen hogere snelheid bereikbaar is dan 10 km per uur;
c. vervoer van melk in melkbussen van veehouderijen naar zuivelfabrieken alsmede vervoer van daartoe gebruikte melkbussen van de zuivelfabriek naar de veehouderij terug;
d. vervoer van kranten, tijdschriften, reclamedrukwerken, verricht in een distributie- of verspreidbedrijf, mits dit bedrijf de beschikking heeft over niet meer dan één vrachtauto of over twee vrachtauto's, mits één daarvan een aanhangwagen is, en waarbij geldt dat het ledig gewicht, vermeerderd met het laadvermogen, van de vrachtauto, dan wel van de beide vrachtauto’s gezamenlijk, niet meer mag bedragen dan 3500 kg;
e. vervoer binnen Nederland of naar Nederland van voertuigen met toebehoren die tengevolge van een defect van het voertuig, ongeval of uitvallen van de bestuurder hun bestemming niet zonder hulp kunnen bereiken, alsmede vervoer binnen Nederland van in beslag genomen voertuigen, voor zover verricht met daartoe speciaal ingerichte vrachtauto’s met een maximum laadvermogen van 3500 kg, en overeenkomstige aanhangwagens met een maximum laadvermogen van 1500 kg, in opdracht van organisaties, die zich krachtens polisvoorwaarden of lidmaatschap jegens verzekerden, dan wel leden hebben verbonden tot hulpverlening in vorengenoemde omstandigheden, dan wel in opdracht van Nederlandse overheidsinstanties.
2. Artikel 5, eerste lid, van de wetis niet van toepassing op:
a. beroepsvervoer binnen Nederland door en in opdracht van houders van een inschrijving eigen vervoer onderling van betonmortelspecie met daartoe speciaal ingerichte vrachtauto’s van de betonmortelfabriek naar in aanbouw zijnde bouwobjecten;
b. beroepsvervoer binnen Nederland, dat slechts een geringe weerslag op de vervoermarkt heeft wegens de aard van de vervoerde goederen of de geringe afstand die wordt afgelegd, en op grond daarvan door Onze Minister na raadpleging van de Europese Commissie is vrijgesteld van de toepassing van richtlijn nr. 96/26/EG.