BWBR0006723
Geldig vanaf 1994-10-01
Artikel 146
Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
1. Het college van burgemeester en wethouders behoeft, in afwijking van hetgeen daarover krachtens artikel 6en in artikel 110is bepaald, geen aantekening te houden van de verstrekking van gegevens aan buitengemeentelijke afnemers en aan derden als bedoeld in artikel 99voor zover:
a. de verstrekking niet plaatsvindt op grond van een besluit als bedoeld in artikel 91, eerste lid, of artikel 99, achtste lid, en
b. het college van burgemeester en wethouders ten tijde van de verstrekking redelijkerwijs mag aannemen, dat het belang van degene over wie gegevens worden verstrekt niet onevenredig zal worden geschaad door geen aantekening te houden.
2. Het college van burgemeester en wethouders kan, bij het doen van een in artikel 103bedoelde mededeling omtrent de verstrekking van gegevens uit de basisadministratie, volstaan met een in algemene termen gestelde mededeling omtrent de verstrekking, indien van de verstrekking overeenkomstig het eerste lid geen aantekening is gehouden.
3. Het college van burgemeester en wethouders kan slechts toepassing geven aan het eerste lid gedurende drie jaren na de inwerkingtreding van dit artikel.
a. de verstrekking niet plaatsvindt op grond van een besluit als bedoeld in artikel 91, eerste lid, of artikel 99, achtste lid, en
b. het college van burgemeester en wethouders ten tijde van de verstrekking redelijkerwijs mag aannemen, dat het belang van degene over wie gegevens worden verstrekt niet onevenredig zal worden geschaad door geen aantekening te houden.
2. Het college van burgemeester en wethouders kan, bij het doen van een in artikel 103bedoelde mededeling omtrent de verstrekking van gegevens uit de basisadministratie, volstaan met een in algemene termen gestelde mededeling omtrent de verstrekking, indien van de verstrekking overeenkomstig het eerste lid geen aantekening is gehouden.
3. Het college van burgemeester en wethouders kan slechts toepassing geven aan het eerste lid gedurende drie jaren na de inwerkingtreding van dit artikel.