BWBR0007321
Geldig vanaf 1995-06-30
Artikel 34
Besluit rechtspositie vrijwillige politie
1. Onverminderd artikel 27, eerste lid, onderdeel b, kan de vrijwillige ambtenaar van politie in zijn ambt worden geschorst:
a. indien een strafrechtelijke vervolging ter zake van een misdrijf tegen hem is ingesteld;
b. wanneer hem door het bevoegd gezag het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is meegedeeld dan wel wanneer hem die straf is opgelegd of
c. wanneer naar het oordeel van het bevoegd gezag het belang van de dienst dit vereist.
2. Schorsing geschiedt door het bevoegd gezag. In afwachting van de schorsing kan de vrijwillige ambtenaar van politie buiten functie worden gesteld door het bevoegd gezag.
3. De duur van de schorsing bedraagt maximaal zes maanden. In uitzonderlijke gevallen kan deze termijn met drie maanden worden verlengd.
a. indien een strafrechtelijke vervolging ter zake van een misdrijf tegen hem is ingesteld;
b. wanneer hem door het bevoegd gezag het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is meegedeeld dan wel wanneer hem die straf is opgelegd of
c. wanneer naar het oordeel van het bevoegd gezag het belang van de dienst dit vereist.
2. Schorsing geschiedt door het bevoegd gezag. In afwachting van de schorsing kan de vrijwillige ambtenaar van politie buiten functie worden gesteld door het bevoegd gezag.
3. De duur van de schorsing bedraagt maximaal zes maanden. In uitzonderlijke gevallen kan deze termijn met drie maanden worden verlengd.