BWBR0007831
Geldig vanaf 01-05-1997
Artikel 5
Verordening op de praktijkrechtspersoon
1. Op aandelen in een praktijkvennootschap of een houdstervennootschap mag een pandrecht worden gevestigd, mits de statuten van de desbetreffende praktijkvennootschap of houdstervennootschap uitsluiten dat het stemrecht op de desbetreffende aandelen kan toekomen aan een ander dan de houder van de desbetreffende aandelen.
2. De advocaat die houder is van aandelen in een praktijkvennootschap of van aandelen in een houdstervennootschap of van certificaten daarvan werkt niet mee aan de vestiging van een vruchtgebruik op deze aandelen of de certificaten daarvan.
3. Het is de advocaat niet toegestaan als zodanig werkzaam te zijn in het verband van een praktijkvennootschap zolang een recht van vruchtgebruik is gevestigd op een of meer aandelen van die praktijkvennootschap of op een of meer aandelen van een houdstervennootschap of van een praktijkvennootschap waarmee die eerstgenoemde praktijkvennootschap in een groep verbonden is of op certificaten van de aandelen van de eerder bedoelde vennootschappen.
2. De advocaat die houder is van aandelen in een praktijkvennootschap of van aandelen in een houdstervennootschap of van certificaten daarvan werkt niet mee aan de vestiging van een vruchtgebruik op deze aandelen of de certificaten daarvan.
3. Het is de advocaat niet toegestaan als zodanig werkzaam te zijn in het verband van een praktijkvennootschap zolang een recht van vruchtgebruik is gevestigd op een of meer aandelen van die praktijkvennootschap of op een of meer aandelen van een houdstervennootschap of van een praktijkvennootschap waarmee die eerstgenoemde praktijkvennootschap in een groep verbonden is of op certificaten van de aandelen van de eerder bedoelde vennootschappen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007831
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl