BWBR0009199
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 9
Besluit uitvoering en financiering Wet inschakeling werkzoekenden
1. Bij ministeriële regeling wordt de hoogte van het basisbedrag voor een dienstbetrekking per jaar vastgesteld.
2. Onze Minister verleent het basisbedrag aan de gemeente voor iedere door de gemeente aangegane dienstbetrekking. Het basisbedrag wordt verminderd naar rato van de overeengekomen arbeidsduur voorzover deze minder bedraagt dan 32 uur per week en afwijking van de arbeidsduur van 32 uur per week gerechtvaardigd is op grond van bij de werknemer gelegen factoren.
3. Afwijking van de arbeidsduur van een dienstbetrekking beneden 32 uur per week is in ieder geval gerechtvaardigd, indien voor de werknemer een kortere arbeidsduur aangewezen is, omdat de werknemer:
a. alleenstaande ouder is en de zorg heeft over één of meer ten zijne laste komende kinderen, dan wel pleegkinderen, in de leeftijd van 0 tot met de leeftijd van het einde van de basisschool;
b. arbeidsgehandicapte is als bedoeld in de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten;
c. buiten het kader van de dienstbetrekking deelneemt aan scholing die bijdraagt aan het vergroten van de kans op arbeid anders dan op grond van de wet, of
d. anders dan in de dienstbetrekking arbeid verricht voor meer dan 4 uur per week.
4. Afwijking van de arbeidsduur van een dienstbetrekking is verder in ieder geval gerechtvaardigd indien de werknemer alleen met een andere arbeidsduur dan 32 uur een zodanig loon verdient dat hij niet meer is aangewezen op een algemene uitkering op grond van de Algemene bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.
2. Onze Minister verleent het basisbedrag aan de gemeente voor iedere door de gemeente aangegane dienstbetrekking. Het basisbedrag wordt verminderd naar rato van de overeengekomen arbeidsduur voorzover deze minder bedraagt dan 32 uur per week en afwijking van de arbeidsduur van 32 uur per week gerechtvaardigd is op grond van bij de werknemer gelegen factoren.
3. Afwijking van de arbeidsduur van een dienstbetrekking beneden 32 uur per week is in ieder geval gerechtvaardigd, indien voor de werknemer een kortere arbeidsduur aangewezen is, omdat de werknemer:
a. alleenstaande ouder is en de zorg heeft over één of meer ten zijne laste komende kinderen, dan wel pleegkinderen, in de leeftijd van 0 tot met de leeftijd van het einde van de basisschool;
b. arbeidsgehandicapte is als bedoeld in de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten;
c. buiten het kader van de dienstbetrekking deelneemt aan scholing die bijdraagt aan het vergroten van de kans op arbeid anders dan op grond van de wet, of
d. anders dan in de dienstbetrekking arbeid verricht voor meer dan 4 uur per week.
4. Afwijking van de arbeidsduur van een dienstbetrekking is verder in ieder geval gerechtvaardigd indien de werknemer alleen met een andere arbeidsduur dan 32 uur een zodanig loon verdient dat hij niet meer is aangewezen op een algemene uitkering op grond van de Algemene bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.