BWBR0014279
Geldig vanaf 06-01-2008
Artikel 4
Verordening HPA wijn 2002
1. Voor de bereiding van tafelwijn mogen uitsluitend druiven van rassen worden gebruikt die zijn genoemd in bijlage I of II. voor de bereiding van tafelwijn met geografische aanduiding mogen uitsluitend druiven van rassen worden gebruikt die zijn genoemd in bijlage I.
2. Voor de bereiding van tafelwijn en tafelwijn met geografische aanduiding zijn de oenologische procédés en behandelingen vastgesteld in de basisverordening.
3. Het minimum natuurlijk alcoholvolume-gehalte van tafelwijn met geografische aanduiding dient een waarde te hebben van 6,5% vol. of hoger.
2. Voor de bereiding van tafelwijn en tafelwijn met geografische aanduiding zijn de oenologische procédés en behandelingen vastgesteld in de basisverordening.
3. Het minimum natuurlijk alcoholvolume-gehalte van tafelwijn met geografische aanduiding dient een waarde te hebben van 6,5% vol. of hoger.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014279
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl