BWBR0014862
Geldig vanaf 21-12-2003
Artikel 3
Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen
1. De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam doet de benoemde onverwijld schriftelijk mededeling van de benoeming en doet hem daarbij een formulier toekomen voor de in het tweede lid bedoelde verklaring.
2. Binnen drie weken na de verzending van deze mededeling bericht de benoemde schriftelijk aan de voorzitter of hij de benoeming aanneemt. Indien hij de benoeming aanneemt, legt hij daarbij een schriftelijke verklaring over dat hij voldoet aan de in artikel 75 van de wet gestelde eisen.
3. Bij gebreke van zodanig bericht of van zodanige verklaring wordt hij geacht de benoeming niet te hebben aangenomen.
4. De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam deelt binnen een week na afloop van de in het tweede lid genoemde termijn aan de betrokken organisatie of organisaties mede of de benoemde de benoeming heeft aangenomen.
5. De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam doet een mededeling als bedoeld in het vierde lid mede aan de secretaris van de Bestuurskamer.
6. De secretaris van de Bestuurskamer doet mededeling van het aannemen van een benoeming tot bestuurslid of plaatsvervangend bestuurslid van een bedrijfslichaam in het Mededelingenblad Bedrijfsorganisatie. De mededeling vermeldt de organisatie, onderscheidenlijk de organisaties, welke de benoeming heeft, onderscheidenlijk hebben verricht.
2. Binnen drie weken na de verzending van deze mededeling bericht de benoemde schriftelijk aan de voorzitter of hij de benoeming aanneemt. Indien hij de benoeming aanneemt, legt hij daarbij een schriftelijke verklaring over dat hij voldoet aan de in artikel 75 van de wet gestelde eisen.
3. Bij gebreke van zodanig bericht of van zodanige verklaring wordt hij geacht de benoeming niet te hebben aangenomen.
4. De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam deelt binnen een week na afloop van de in het tweede lid genoemde termijn aan de betrokken organisatie of organisaties mede of de benoemde de benoeming heeft aangenomen.
5. De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam doet een mededeling als bedoeld in het vierde lid mede aan de secretaris van de Bestuurskamer.
6. De secretaris van de Bestuurskamer doet mededeling van het aannemen van een benoeming tot bestuurslid of plaatsvervangend bestuurslid van een bedrijfslichaam in het Mededelingenblad Bedrijfsorganisatie. De mededeling vermeldt de organisatie, onderscheidenlijk de organisaties, welke de benoeming heeft, onderscheidenlijk hebben verricht.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014862
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl