BWBR0018249
Geldig vanaf 29-05-2005
Artikel 6
Regeling Cliëntenparticipatie SVB
1. Een lid van de Cliëntenraad SVB wordt tussentijds door de Raad van bestuur vervangen:
a. wegens overlijden;
b. op eigen verzoek; of
c. als naar het oordeel van de voorzitter de goede gang van zaken bij de werkzaamheden van de Cliëntenraad SVB door toedoen van het lid wordt belemmerd; of
d. op een met reden omkleed verzoek van de in artikel 4 genoemde organisatie die het lid voor benoeming had voorgedragen.
2. De voorzitter van de Cliëntenraad SVB wordt tussentijds vervangen:
a. wegens overlijden;
b. op eigen verzoek; of
c. op verzoek van de meerderheid van de Cliëntenraad SVB op grond van het oordeel dat de goede gang van zaken bij de werkzaamheden van de Cliëntenraad SVB door toedoen van de voorzitter wordt belemmerd.
3. Benoeming wegens een tussentijdse vervanging vindt met inachtneming van de bepalingen van de artikelen 3 en 4 plaats voor het restant van de zittingsduur van het vervangen lid.
4. Vervanging vanwege de in de onderdelen c van het eerste en het tweede lid genoemde reden vindt niet plaats dan na hoor en wederhoor door of namens de Raad van bestuur. Deze reden kan ook worden gevormd door een al dan niet door overmacht veroorzaakt verzuim van de helft of meer van de vergaderingen van de Cliëntenraad SVB.
a. wegens overlijden;
b. op eigen verzoek; of
c. als naar het oordeel van de voorzitter de goede gang van zaken bij de werkzaamheden van de Cliëntenraad SVB door toedoen van het lid wordt belemmerd; of
d. op een met reden omkleed verzoek van de in artikel 4 genoemde organisatie die het lid voor benoeming had voorgedragen.
2. De voorzitter van de Cliëntenraad SVB wordt tussentijds vervangen:
a. wegens overlijden;
b. op eigen verzoek; of
c. op verzoek van de meerderheid van de Cliëntenraad SVB op grond van het oordeel dat de goede gang van zaken bij de werkzaamheden van de Cliëntenraad SVB door toedoen van de voorzitter wordt belemmerd.
3. Benoeming wegens een tussentijdse vervanging vindt met inachtneming van de bepalingen van de artikelen 3 en 4 plaats voor het restant van de zittingsduur van het vervangen lid.
4. Vervanging vanwege de in de onderdelen c van het eerste en het tweede lid genoemde reden vindt niet plaats dan na hoor en wederhoor door of namens de Raad van bestuur. Deze reden kan ook worden gevormd door een al dan niet door overmacht veroorzaakt verzuim van de helft of meer van de vergaderingen van de Cliëntenraad SVB.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018249
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl