BWBR0026335
Geldig vanaf 14-02-2009
Artikel 2
Overgangsregeling amateurkunst van de Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie 2009
1. Het bestuur van het Fonds kan een bijdrage verlenen aan:
a. projecten op het gebied van amateurkunst;
b. plannen gericht op individuele ontwikkeling: beurzen voor een studie, stage of onderzoek door personen die van betekenis zijn voor de amateurkunst in Nederland, op de Nederlandse Antillen of Aruba.
2. De volgende projecten op het gebied van amateurkunst krijgen bijzondere aandacht:
a. projecten gericht op de bevordering van de uitvoering van werken voor koor en instrumentale ensembles;
b. projecten gericht op het bevorderen van het ontstaan van nieuwe composities voor amateurs en de uitvoering daarvan.
3. Activiteiten die primair gericht zijn of enkel plaatsvinden binnen het (kunstvak)onderwijs komen niet in aanmerking voor subsidie.
4. Er wordt geen bijdrage verleend voor exploitatiekosten of investeringen in bedrijfsmiddelen, zoals uniformen of muziekinstrumenten.
a. projecten op het gebied van amateurkunst;
b. plannen gericht op individuele ontwikkeling: beurzen voor een studie, stage of onderzoek door personen die van betekenis zijn voor de amateurkunst in Nederland, op de Nederlandse Antillen of Aruba.
2. De volgende projecten op het gebied van amateurkunst krijgen bijzondere aandacht:
a. projecten gericht op de bevordering van de uitvoering van werken voor koor en instrumentale ensembles;
b. projecten gericht op het bevorderen van het ontstaan van nieuwe composities voor amateurs en de uitvoering daarvan.
3. Activiteiten die primair gericht zijn of enkel plaatsvinden binnen het (kunstvak)onderwijs komen niet in aanmerking voor subsidie.
4. Er wordt geen bijdrage verleend voor exploitatiekosten of investeringen in bedrijfsmiddelen, zoals uniformen of muziekinstrumenten.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0026335
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl