BWBR0027686
Geldig vanaf 01-08-2010
Artikel 3
Reglement Vervangingsfonds Primair Onderwijs voor het schooljaar 2010–2011
1. a. Het bevoegd gezag is verplicht op de wijze als bepaald in de bestuursvoorschriften een door het bestuur te bepalen premie te voldoen in verband met de kosten voor vervanging.
b. Het bevoegd gezag is verplicht om in het kader van de uitvoering van het Convenant Decentralisatie hoofdstuk I-C Rechtspositiebesluit Onderwijspersoneel een afzonderlijke kostendekkende premie te betalen.
De kostendekkendheid wordt per schooljaar vastgesteld. Overschotten danwel tekorten in de premieopbrengst worden verrekend in de premie voor het volgend schooljaar.
2. a. Het bevoegd gezag is gehouden in verband met arbeidsongeschiktheid van zijn personeelsleden ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, dan wel het equivalent daarvan indien die uitkering door UWV aan de werknemer zelf is uitbetaald, af te dragen aan het Vervangingsfonds. Het betreft hier uitsluitend arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die betrekking hebben op de WAO en niet op de WIA. Het Vervangingsfonds maakt geen aanspraak op de WIA-gelden.
b. Het bevoegd gezag dat volgens UWV in gebreke is gebleven waar het gaat om de toepassing van de Wet verbetering poortwachter, dan wel de Wet verlenging loondoorbetalingsverplichting bij ziekte 2003, waardoor het Vervangingsfonds WAO gelden heeft misgelopen, zal door het Vervangingsfonds financieel aansprakelijk worden gesteld. Het Vervangingsfonds brengt het bevoegd gezag in ieder geval het bedrag in rekening dat het bevoegd gezag zou hebben moeten afdragen als het niet in gebreke was gebleven (fictieve WAO).
c. Het bepaalde onder a en b is niet van toepassing indien en voor zover die uitkering betrekking heeft op arbeidsongeschiktheid in verband waarmee, gelet op artikel 8a van dit Reglement, geen vervangingsbekostiging meer plaatsvindt.
b. Het bevoegd gezag is verplicht om in het kader van de uitvoering van het Convenant Decentralisatie hoofdstuk I-C Rechtspositiebesluit Onderwijspersoneel een afzonderlijke kostendekkende premie te betalen.
De kostendekkendheid wordt per schooljaar vastgesteld. Overschotten danwel tekorten in de premieopbrengst worden verrekend in de premie voor het volgend schooljaar.
2. a. Het bevoegd gezag is gehouden in verband met arbeidsongeschiktheid van zijn personeelsleden ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, dan wel het equivalent daarvan indien die uitkering door UWV aan de werknemer zelf is uitbetaald, af te dragen aan het Vervangingsfonds. Het betreft hier uitsluitend arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die betrekking hebben op de WAO en niet op de WIA. Het Vervangingsfonds maakt geen aanspraak op de WIA-gelden.
b. Het bevoegd gezag dat volgens UWV in gebreke is gebleven waar het gaat om de toepassing van de Wet verbetering poortwachter, dan wel de Wet verlenging loondoorbetalingsverplichting bij ziekte 2003, waardoor het Vervangingsfonds WAO gelden heeft misgelopen, zal door het Vervangingsfonds financieel aansprakelijk worden gesteld. Het Vervangingsfonds brengt het bevoegd gezag in ieder geval het bedrag in rekening dat het bevoegd gezag zou hebben moeten afdragen als het niet in gebreke was gebleven (fictieve WAO).
c. Het bepaalde onder a en b is niet van toepassing indien en voor zover die uitkering betrekking heeft op arbeidsongeschiktheid in verband waarmee, gelet op artikel 8a van dit Reglement, geen vervangingsbekostiging meer plaatsvindt.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0027686
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl