BWBR0028173
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 3
Vakantiewet 1949 BES
1. De aanspraak op vakantie over een afgelopen jaar vervalt, indien de arbeider gedurende dat jaar van zijn werk is weggebleven:
a. wegens ziekte of ongeval in totaal tenminste zes maanden;
b. ter voldoening aan wettelijke verplichtingen in totaal tenminste zes weken.
2. Ingeval van afwezigheid van het werk zonder toestemming van de werkgever en zonder wettige reden, verliest de arbeider zijn aanspraak op een overeenkomstig deel van zijn vakantie, waarbij een gedeelte van een dag gerekend wordt als een gehele dag.
a. wegens ziekte of ongeval in totaal tenminste zes maanden;
b. ter voldoening aan wettelijke verplichtingen in totaal tenminste zes weken.
2. Ingeval van afwezigheid van het werk zonder toestemming van de werkgever en zonder wettige reden, verliest de arbeider zijn aanspraak op een overeenkomstig deel van zijn vakantie, waarbij een gedeelte van een dag gerekend wordt als een gehele dag.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028173
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl