BWBR0031171
Geldig vanaf 01-07-2012
Artikel 3
Hygiënebesluit opfokbedrijven, fokbedrijven en vermeerderingsbedrijven (PPE) 2011
1. De ondernemer die een opfokbedrijf uitoefent neemt de monsters als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Verordening bij de plaatsing van het stalkoppel opfokpluimvee op het opfokbedrijf, overeenkomstig Bijlage I, A. (inlegvellen), en laat de monsters als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Verordening door GD nemen:
a) vier weken na plaatsing van het stalkoppel opfokpluimvee op het opfokbedrijf, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters) én
b) maximaal veertien dagen voor overplaatsing van het stalkoppel opfokpluimvee, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters).
2. De ondernemer die een fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf uitoefent neemt de monsters als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Verordening voor het eerst als het stalkoppel fokpluimvee of vermeerderingspluimvee een leeftijd van minimaal 22 weken en maximaal 24 weken heeft en neemt de monsters vervolgens ten minste één maal per drie weken, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters).
a) vier weken na plaatsing van het stalkoppel opfokpluimvee op het opfokbedrijf, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters) én
b) maximaal veertien dagen voor overplaatsing van het stalkoppel opfokpluimvee, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters).
2. De ondernemer die een fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf uitoefent neemt de monsters als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Verordening voor het eerst als het stalkoppel fokpluimvee of vermeerderingspluimvee een leeftijd van minimaal 22 weken en maximaal 24 weken heeft en neemt de monsters vervolgens ten minste één maal per drie weken, overeenkomstig Bijlage I, B. (mestmonsters).
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031171
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl