BWBR0031813
Geldig vanaf 01-01-2013
Artikel 21
Suppletieregeling filminvesteringen Nederland
1. Tegen besluiten van het bestuur op grond van deze regeling kan door een belanghebbende schriftelijk bezwaar worden gemaakt bij het bestuur van het Fonds, binnen een termijn van zes weken nadat het besluit bekend is gemaakt.
2. Voordat het bestuur over het bezwaar beslist, stelt het de indiener van het bezwaar in de gelegenheid te worden gehoord. Het bestuur kan van het horen van de indiener van het bezwaar afzien, indien naar het oordeel van het bestuur:
a). het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is; of
b). het bezwaar kennelijk ongegrond is; of
c). de indiener van het bezwaar heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord; of:
d). aan het bezwaar volledig wordt tegemoet gekomen en andere belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden geschaad.
2. Voordat het bestuur over het bezwaar beslist, stelt het de indiener van het bezwaar in de gelegenheid te worden gehoord. Het bestuur kan van het horen van de indiener van het bezwaar afzien, indien naar het oordeel van het bestuur:
a). het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is; of
b). het bezwaar kennelijk ongegrond is; of
c). de indiener van het bezwaar heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord; of:
d). aan het bezwaar volledig wordt tegemoet gekomen en andere belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden geschaad.
- Citeren als
- Art. 21
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031813
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl