BWBR0038662
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 3.16
Besluit natuurbescherming
1. Het is verboden een geweer ter uitoefening van het bepaalde bij of krachtens de wette gebruiken:
a. voor zonsopgang en na zonsondergang;
b. binnen de bebouwde kom of op terreinen als bedoeld in artikel 3.21, derde lid, van de wet;
c. binnen de afpalingskring van een eendenkooi als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onderdeel d, van de wet;
d. vanaf of vanuit een rijdend motorrijtuig dan wel een ander voertuig, of
e. vanuit een luchtvaartuig.
2. Artikel 3.7, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing op het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, ingeval het geweer wordt gebruikt bij de uitoefening van de jacht op wilde eenden.
a. voor zonsopgang en na zonsondergang;
b. binnen de bebouwde kom of op terreinen als bedoeld in artikel 3.21, derde lid, van de wet;
c. binnen de afpalingskring van een eendenkooi als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onderdeel d, van de wet;
d. vanaf of vanuit een rijdend motorrijtuig dan wel een ander voertuig, of
e. vanuit een luchtvaartuig.
2. Artikel 3.7, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing op het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, ingeval het geweer wordt gebruikt bij de uitoefening van de jacht op wilde eenden.