BWBR0001854
Geldig vanaf 1886-09-01
Artikel 109
Wetboek van Strafrecht
Elke feitelijke aanranding van de persoon van de Koning die niet valt in een zwaardere strafbepaling wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren en zes maanden of geldboete van de vijfde categorie.