BWBR0001854
Geldig vanaf 1886-09-01
Artikel 349
Wetboek van Strafrecht
1. Bij veroordeling wegens een der in deze titel omschreven misdrijven, kan de schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf begaan heeft.
2. Bij veroordeling wegens een der in de artikelen 341, 343en 344omschreven misdrijven, kan de schuldige worden ontzet van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten.
3. Bij veroordeling wegens een der in de artikelen 340-345omschreven misdrijven, kan openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak worden gelast.
2. Bij veroordeling wegens een der in de artikelen 341, 343en 344omschreven misdrijven, kan de schuldige worden ontzet van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten.
3. Bij veroordeling wegens een der in de artikelen 340-345omschreven misdrijven, kan openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak worden gelast.