BWBR0001978
Geldig vanaf 1936-10-12
Artikel 20
Wet luchtvervoer
1. Indien de vervoerder de zaak aflevert zonder dat het hem wegens het luchtvervoer bij de aflevering verschuldigde is voldaan of zonder dat hij zekerheidstelling daarvoor heeft verkregen, verliest hij zijn aanspraak te dier zake op den afzender, wanneer deze doet blijken, dat krachtens de tusschen hem en den geadresseerde bestaande rechtsverhouding het verschuldigde door den geadresseerde moest worden gedragen en hij dit, zoo hij het betaalde, uit hoofde van het onvermogen van den geadresseerde, niet meer op dezen zou kunnen verhalen.
2. In het geval in het vorig lid bedoeld verjaart de rechtsvordering van den vervoerder op den geadresseerde ter zake van het luchtvervoer door tijdsverloop van één jaar. Deze verjaring begint te loopen bij het eindigen van de reis.
3. De bepaling van artikel 2010 van het Burgerlijk Wetboek is van toepassing op de in het vorig lid bedoelde verjaring.
2. In het geval in het vorig lid bedoeld verjaart de rechtsvordering van den vervoerder op den geadresseerde ter zake van het luchtvervoer door tijdsverloop van één jaar. Deze verjaring begint te loopen bij het eindigen van de reis.
3. De bepaling van artikel 2010 van het Burgerlijk Wetboek is van toepassing op de in het vorig lid bedoelde verjaring.