BWBR0002393
Geldig vanaf 1997-05-01
Artikel 16
Vorderingswet
1. Het bedrag van de aan iedere rechthebbende te betalen schadeloosstelling wordt, zo mogelijk, door Onze Minister, die de vordering heeft gedaan, degene, te wiens behoeve de vordering is geschied, en de rechthebbende in onderling overleg vastgesteld.
2. Nadat overeenstemming is bereikt, wordt een bewijsstuk, waarin het overeengekomene wordt vastgelegd, opgemaakt en door degenen, die aan het overleg hebben deelgenomen, ondertekend. Van dit bewijsstuk ontvangt elk een exemplaar.
2. Nadat overeenstemming is bereikt, wordt een bewijsstuk, waarin het overeengekomene wordt vastgelegd, opgemaakt en door degenen, die aan het overleg hebben deelgenomen, ondertekend. Van dit bewijsstuk ontvangt elk een exemplaar.