BWBR0002564
Geldig vanaf 01-01-2002
Artikel 90b
Mijnreglement continentaal plat
1. In dit artikel wordt onder «drukapparatuur», «samenstellen» en «druksystemen» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in het Besluit drukapparatuur.
2. Het is verboden op een mijnbouwinstallatie of bij mijnbouwkundig werk drukapparatuur, samenstellen of druksystemen voorhanden te hebben of te gebruiken die niet in overeenstemming zijn met de bij en krachtens het Besluit drukapparatuur gestelde regels.
3. De bij en krachtens de artikelen 23, 23a, 24, 26, eerste en derde lid, en 29 van het Besluit drukapparatuur gestelde regels zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot drukapparatuur, samenstellen en druksystemen die aanwezig zijn op een mijnbouwinstallatie of worden gebruikt bij mijnbouwkundig werk, met dien verstande dat de in artikel 26, eerste lid, van het Besluit drukapparatuur gestelde regels niet gelden ten aanzien van de Inspecteur-Generaal der Mijnen.
4. De artikelen 83, 89 en 90 zijn niet van toepassing op drukapparatuur, samenstellen en druksystemen voor zover deze bepalingen eisen stellen met betrekking tot het ontwerp, de vervaardigingswijze, de eigenschappen of de ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen of daarop aangebrachte vermeldingen als bedoeld in artikel 5 van het Besluit drukapparatuur.
5. De Inspecteur-Generaal der Mijnen is bevoegd drukapparatuur, samenstellen en druksystemen te beproeven of te onderzoeken en zo nodig herstelling daarvan binnen een door hem vast te stellen termijn te eisen. Voorts kan hij, indien blijkt dat drukapparatuur, samenstellen of druksystemen niet in overeenstemming zijn met de bij en krachtens het Besluit drukapparatuur gestelde regels, die drukapparatuur, samenstellen of druksystemen voorzien van een merk van afkeuring. Door het aanbrengen van een merk van afkeuring verliest de op de drukapparatuur of samenstellen aangebrachte CE-markering van rechtswege haar geldigheid. Een krachtens de eerste zin gestelde eis moet worden nageleefd door degene tot wie hij is gericht.
2. Het is verboden op een mijnbouwinstallatie of bij mijnbouwkundig werk drukapparatuur, samenstellen of druksystemen voorhanden te hebben of te gebruiken die niet in overeenstemming zijn met de bij en krachtens het Besluit drukapparatuur gestelde regels.
3. De bij en krachtens de artikelen 23, 23a, 24, 26, eerste en derde lid, en 29 van het Besluit drukapparatuur gestelde regels zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot drukapparatuur, samenstellen en druksystemen die aanwezig zijn op een mijnbouwinstallatie of worden gebruikt bij mijnbouwkundig werk, met dien verstande dat de in artikel 26, eerste lid, van het Besluit drukapparatuur gestelde regels niet gelden ten aanzien van de Inspecteur-Generaal der Mijnen.
4. De artikelen 83, 89 en 90 zijn niet van toepassing op drukapparatuur, samenstellen en druksystemen voor zover deze bepalingen eisen stellen met betrekking tot het ontwerp, de vervaardigingswijze, de eigenschappen of de ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen of daarop aangebrachte vermeldingen als bedoeld in artikel 5 van het Besluit drukapparatuur.
5. De Inspecteur-Generaal der Mijnen is bevoegd drukapparatuur, samenstellen en druksystemen te beproeven of te onderzoeken en zo nodig herstelling daarvan binnen een door hem vast te stellen termijn te eisen. Voorts kan hij, indien blijkt dat drukapparatuur, samenstellen of druksystemen niet in overeenstemming zijn met de bij en krachtens het Besluit drukapparatuur gestelde regels, die drukapparatuur, samenstellen of druksystemen voorzien van een merk van afkeuring. Door het aanbrengen van een merk van afkeuring verliest de op de drukapparatuur of samenstellen aangebrachte CE-markering van rechtswege haar geldigheid. Een krachtens de eerste zin gestelde eis moet worden nageleefd door degene tot wie hij is gericht.
- Citeren als
- Art. 90b
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002564
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl