BWBR0003818
Geldig vanaf 1986-05-01
Artikel 11
Diergeneesmiddelenwet
1. Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, een registratie geheel of gedeeltelijk doorhalen indien:
a. op grond van na de registratie te zijner kennis gekomen feiten blijkt dat niet wordt voldaan aan het in artikel 4, onder a, b, c of d, bepaalde;
b. na de registratie blijkt dat de aanvraag tot registratie onjuiste gegevens bevat;
c. de registratiehouder zulks bij aangetekend schrijven verzoekt.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden de gevallen vastgesteld waarin, ter uitvoering van een verordening, richtlijn of beschikking als bedoeld in artikel 189 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (Trb. 1957, 91), een registratie geheel of ten dele van rechtswege vervalt.
a. op grond van na de registratie te zijner kennis gekomen feiten blijkt dat niet wordt voldaan aan het in artikel 4, onder a, b, c of d, bepaalde;
b. na de registratie blijkt dat de aanvraag tot registratie onjuiste gegevens bevat;
c. de registratiehouder zulks bij aangetekend schrijven verzoekt.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden de gevallen vastgesteld waarin, ter uitvoering van een verordening, richtlijn of beschikking als bedoeld in artikel 189 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (Trb. 1957, 91), een registratie geheel of ten dele van rechtswege vervalt.