BWBR0004306
Geldig vanaf 2004-03-16
Artikel 11
Besluit voorkoming verontreiniging door met schepen in bulk vervoerde schadelijke vloeistoffen
1. Het Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging voor het vervoer van schadelijke vloeistoffen in bulk wordt door de inspecteur-generaal afgegeven na de voltooiing van een eerste of een hernieuwd onderzoek als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder a en b, ten behoeve van elk schip dat schadelijke vloeistoffen in bulk vervoert.
2. a. De inspecteur-generaal kan een daartoe bevoegde regering verzoeken de onderzoeken, bedoeld in artikel 10 uit te voeren en het certificaat af te geven, of, voorzover van toepassing, een aantekening te plaatsen.
b. 1°. Op verzoek van een daartoe bevoegde regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 10 genoemde onderzoeken worden onderworpen en kan ten behoeve van dat schip een certificaat worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst.
2°. Een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek worden zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3°. Een krachtens het bepaalde onder 1° afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
1°. Op verzoek van een daartoe bevoegde regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 10 genoemde onderzoeken worden onderworpen en kan ten behoeve van dat schip een certificaat worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst.
2°. Een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek worden zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3°. Een krachtens het bepaalde onder 1° afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
3. Er wordt geen certificaat afgegeven aan een schip dat gerechtigd is de vlag te voeren van een staat die geen partij is bij het Verdrag.
4. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld betreffende de aanvraag tot het verkrijgen van een certificaat en de daarbij te overleggen bescheiden.
5. De inspecteur-generaal kan nadere voorschriften geven betreffende de aanvraag tot het verkrijgen van een certificaat en de daarbij te overleggen bescheiden.
2. a. De inspecteur-generaal kan een daartoe bevoegde regering verzoeken de onderzoeken, bedoeld in artikel 10 uit te voeren en het certificaat af te geven, of, voorzover van toepassing, een aantekening te plaatsen.
b. 1°. Op verzoek van een daartoe bevoegde regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 10 genoemde onderzoeken worden onderworpen en kan ten behoeve van dat schip een certificaat worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst.
2°. Een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek worden zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3°. Een krachtens het bepaalde onder 1° afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
1°. Op verzoek van een daartoe bevoegde regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 10 genoemde onderzoeken worden onderworpen en kan ten behoeve van dat schip een certificaat worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst.
2°. Een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek worden zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
3°. Een krachtens het bepaalde onder 1° afgegeven certificaat zal een verklaring bevatten, inhoudende dat het is afgegeven op verzoek van de betrokken regering.
3. Er wordt geen certificaat afgegeven aan een schip dat gerechtigd is de vlag te voeren van een staat die geen partij is bij het Verdrag.
4. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld betreffende de aanvraag tot het verkrijgen van een certificaat en de daarbij te overleggen bescheiden.
5. De inspecteur-generaal kan nadere voorschriften geven betreffende de aanvraag tot het verkrijgen van een certificaat en de daarbij te overleggen bescheiden.