BWBR0005319
Geldig vanaf 1992-05-15
Artikel 18
Wet vervoer binnenvaart
1. Als niet langer wordt voldaan aan de eis van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 11, ten gevolge van overlijden of lichamelijke ongeschiktheid danwel wettelijke onbekwaamheid van degene, die aan de eisen voldeed en niet de vergunninghouder is, verleent Onze Minister, indien hem daartoe een aanvraag van de vergunninghouder heeft bereikt, een vergunning voor voortzetting van het onderhavige beroepsvervoer gedurende een termijn van ten hoogste een jaar. Deze termijn gaat in op de dag van het plaatshebben van een omstandigheid als bedoeld in de eerste volzin. Onze Minister kan op aanvraag in bijzondere gevallen deze termijn met ten hoogste zesentwintig weken verlengen.
2. Onze Minister verleent de vergunning, bedoeld in het eerste lid, binnen vier weken na de datum van indiening van de aanvraag.
3. De artikelen 11, eerste lid, en 13, eerste lid, zijn niet van toepassing op de vergunning, bedoeld in het eerste lid.
2. Onze Minister verleent de vergunning, bedoeld in het eerste lid, binnen vier weken na de datum van indiening van de aanvraag.
3. De artikelen 11, eerste lid, en 13, eerste lid, zijn niet van toepassing op de vergunning, bedoeld in het eerste lid.