BWBR0007477
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 83
Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf
1. Voor het geval van een houder van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, die aan het hoofd staat van een groep waartoe een of meer verzekeraars als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, en een of meer kredietinstellingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet toezicht kredietwezen 1992behoren en waartoe ten minste één verzekeraar met zetel in Nederland behoort die een vergunning als bedoeld in artikel 11heeft verkregen, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer, in overeenstemming met de autoriteit die ingevolge de Wet toezicht kredietwezen 1992belast is met het toezicht op kredietinstellingen, op grond van de overwegingen als bedoeld in artikel 82, tweede lid, onderdelen a en b, voorschriften formuleren.
2. De voorschriften worden overeenkomstig artikel 82, derde lid, door Onze Minister aan een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, verbonden.
3. Indien de voorschriften worden gewijzigd, kan Onze Minister, de Pensioen- & Verzekeringskamer gehoord, dan wel in door Onze Minister bepaalde gevallen vanwege Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer, de gewijzigde voorschriften verbinden aan de verklaring van geen bezwaar die aan een houder als bedoeld in het eerste lid is verleend.
4. De voorschriften worden bekendgemaakt door plaatsing in de Staatscourant.
2. De voorschriften worden overeenkomstig artikel 82, derde lid, door Onze Minister aan een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, verbonden.
3. Indien de voorschriften worden gewijzigd, kan Onze Minister, de Pensioen- & Verzekeringskamer gehoord, dan wel in door Onze Minister bepaalde gevallen vanwege Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer, de gewijzigde voorschriften verbinden aan de verklaring van geen bezwaar die aan een houder als bedoeld in het eerste lid is verleend.
4. De voorschriften worden bekendgemaakt door plaatsing in de Staatscourant.