BWBR0007477
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 93c
Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf
1. Onze Minister en de Pensioen- & Verzekeringskamer kunnen een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften gesteld, bij of krachtens de artikelen 11, 17, eerste tot en met derde lid, 17, vierde lid, eerste volzin, 17, vijfde lid, 18, eerste tot en met vierde lid, 18a, 22, eerste lid, onderdeel e, 22, tweede lid, 23, tweede lid, laatste volzin, 23, derde lid, eerste volzin, 23, derde lid, laatste volzin, 23, vierde lid, tweede volzin, 23, vijfde lid, 25, 26, eerste lid, eerste en tweede volzin, 26, tweede lid, 27, tweede lid, 27, derde lid, onderdeel a, 27, vijfde lid, eerste volzin, 27a, tweede tot en met vierde lid, 28, tweede en derde lid, voor zover het betreft het voorschrift van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrechten het voorschrift inzage te verlenen in zakelijke gegevens en bescheiden, 29, zesde lid, laatste volzin, 30, 31, eerste en tweede lid, 31a, eerste en tweede lid, 32, eerste lid, 32, tweede lid, tweede volzin, 33, eerste tot en met derde lid, vijfde volzin, 33, vijfde en zesde lid, 33, zevende lid, eerste volzin, 33a, eerste lid, eerste en derde volzin, 33a, tweede en derde lid, 33b, 33c, eerste lid, 34, eerste en tweede lid, 35, eerste tot en met vijfde lid, 36, eerste lid, 36, tweede lid, tweede volzin, 37, 38, eerste tot en met vijfde lid, 39, eerste en tweede lid,40, eerste en derde tot en met vijfde lid, 40a, eerste tot en met derde lid, 40b, eerste, tweede en vierde lid, 40c, eerste lid, laatste volzin, 40c, tweede lid, 41, 44, eerste en tweede lid, 45, eerste tot en met vierde lid, 46, 47, eerste en tweede lid, 48, 49, eerste tot en met derde lid, 50, 51, eerste lid, 51, tweede lid, eerste volzin, 51, vierde lid, 54, eerste en vijfde lid, 55, derde lid, 56, eerste en tweede lid, 57, eerste, tweede en vierde lid, 58, 59, eerste lid, 63, 64, eerste lid, 82, eerste, vierde en zesde lid, 84, achtste lid, 85, eerste en tweede lid, 86, 89, tweede lid, 90, tweede lid, en 92, eerste lid, voor zover zij zijn belast met de uitvoering van het toezicht ter zake van die artikelen.
2. De bestuurlijke boete komt toe aan de staat indien deze door de Minister van Financiën is opgelegd, of aan de Pensioen- & Verzekeringskamer indien deze door haar is opgelegd.
3. Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid.
2. De bestuurlijke boete komt toe aan de staat indien deze door de Minister van Financiën is opgelegd, of aan de Pensioen- & Verzekeringskamer indien deze door haar is opgelegd.
3. Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid.