BWBR0011453
Geldig vanaf 2020-08-01
Artikel 3.23
Wet studiefinanciering 2000
1. In afwijking van artikel 1.7gebruikt Onze Minister in contacten met RSR het burgerservicenummer van:
a. een student voor de toekenning en beëindiging van diens reisrecht; en
b. de persoon die een reisrecht toegekend heeft gekregen en van wie nadat sprake was van één van de situaties genoemd in artikel 3.27, eerste lid, onder a en b, het reisproduct niet tijdig is stopgezet, voor de uitvoering van artikel 3.27, tweede lid.
2. RSR gebruikt het burgerservicenummer van een student slechts:
a. ter vaststelling van de identiteit van een student wanneer deze zich tot de vervoersbedrijven wendt om zijn gegevens te laten koppelen aan het reisproduct, bedoeld in artikel 3.25, en
b. in contacten met Onze Minister.
a. een student voor de toekenning en beëindiging van diens reisrecht; en
b. de persoon die een reisrecht toegekend heeft gekregen en van wie nadat sprake was van één van de situaties genoemd in artikel 3.27, eerste lid, onder a en b, het reisproduct niet tijdig is stopgezet, voor de uitvoering van artikel 3.27, tweede lid.
2. RSR gebruikt het burgerservicenummer van een student slechts:
a. ter vaststelling van de identiteit van een student wanneer deze zich tot de vervoersbedrijven wendt om zijn gegevens te laten koppelen aan het reisproduct, bedoeld in artikel 3.25, en
b. in contacten met Onze Minister.