BWBR0011453
Geldig vanaf 2020-08-01
Artikel 9.1a
Wet studiefinanciering 2000
1. Met het toezicht op de naleving van artikel 1.5zijn belast:
a. de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren of andere personen,
b. de bij besluit van het college van burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.
2. Indien de ambtenaren of andere personen, bedoeld in het eerste lid, onder a, die worden aangewezen, ressorteren onder een andere minister, wordt het besluit samen met die minister genomen.
3. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
4. De toezichthouder beschikt niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.
a. de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren of andere personen,
b. de bij besluit van het college van burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.
2. Indien de ambtenaren of andere personen, bedoeld in het eerste lid, onder a, die worden aangewezen, ressorteren onder een andere minister, wordt het besluit samen met die minister genomen.
3. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
4. De toezichthouder beschikt niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.