BWBR0011453
Geldig vanaf 2020-08-01
Artikel 3.3
Wet studiefinanciering 2000
1. Het budget voor een ho-student voor een kalendermaand is het totaal van:
a. een normbedrag voor de kosten van levensonderhoud;
b. het collegegeldkrediet; en
c. een reisvoorziening.
2. Dit budget kan worden verhoogd met een toeslag voor een eenoudergezin ingevolge artikel 3.5.
3. In afwijking van het eerste lid bestaat het budget voor een ho-student die in aanmerking komt voor levenlanglerenkrediet alleen uit dat krediet.
4. De bedragen zijn opgenomen in artikel 3.18.
a. een normbedrag voor de kosten van levensonderhoud;
b. het collegegeldkrediet; en
c. een reisvoorziening.
2. Dit budget kan worden verhoogd met een toeslag voor een eenoudergezin ingevolge artikel 3.5.
3. In afwijking van het eerste lid bestaat het budget voor een ho-student die in aanmerking komt voor levenlanglerenkrediet alleen uit dat krediet.
4. De bedragen zijn opgenomen in artikel 3.18.