BWBR0014875
Geldig vanaf 01-06-2003
Artikel 4
Verordening regeling verkoop zoetwatervis 2003
1. Ten einde voor een vergunning in aanmerking te komen, dient degene, die zoetwatervis wenst aan te voeren een daartoe strekkende schriftelijke aanvraag bij het productschap in te dienen op een daartoe door of vanwege het productschap beschikbaar gesteld formulier van een door de voorzitter van het productschap vastgesteld model.
2. Een aanvraag wordt geacht niet te zijn ingediend, zolang het in lid 1 bedoelde formulier niet volledig en naar waarheid is ingevuld en door aanvrager ondertekend door het productschap is ontvangen.
3. Op een aanvraag wordt binnen 2 maanden beslist. Alvorens de beslissing op een aanvraag wordt genomen, wordt advies ingewonnen van de Combinatie van Beroepsvissers.
4. De beslissing wordt aan de aanvrager schriftelijk en, indien zij een weigering inhoudt, onder opgave van redenen meegedeeld.
2. Een aanvraag wordt geacht niet te zijn ingediend, zolang het in lid 1 bedoelde formulier niet volledig en naar waarheid is ingevuld en door aanvrager ondertekend door het productschap is ontvangen.
3. Op een aanvraag wordt binnen 2 maanden beslist. Alvorens de beslissing op een aanvraag wordt genomen, wordt advies ingewonnen van de Combinatie van Beroepsvissers.
4. De beslissing wordt aan de aanvrager schriftelijk en, indien zij een weigering inhoudt, onder opgave van redenen meegedeeld.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014875
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl