BWBR0020421
Geldig vanaf 2025-07-18
Artikel 28
Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft
1. Een financiëledienstverlener als bedoeld in artikel 4:11, tweede lid, van de wetdraagt er zorg voor dat de betrouwbaarheid van de werknemers en andere natuurlijke personen die zich onder zijn verantwoordelijkheid rechtstreeks bezighouden met het verlenen van financiële diensten en van de feitelijk leidinggevenden die voor deze personen verantwoordelijk zijn, buiten twijfel staat.
2. Een persoon als bedoeld in het eerste lid is betrouwbaar, indien hij een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevensover kan leggen, en hij niet failliet is verklaard, tenzij rehabilitatie als bedoeld in artikel 212 van de Faillissementswetheeft plaatsgevonden.
2. Een persoon als bedoeld in het eerste lid is betrouwbaar, indien hij een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevensover kan leggen, en hij niet failliet is verklaard, tenzij rehabilitatie als bedoeld in artikel 212 van de Faillissementswetheeft plaatsgevonden.