BWBR0024076
Geldig vanaf 26-06-2008
Artikel 12
Huishoudelijk reglement van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+
12.1. Bezwaarschriften worden behandeld door een of meer door het bestuur aan te wijzen functionarissen van het fonds.
12.2. In bijzondere gevallen kan het bestuur bepalen dat een bezwaarschrift in afwijking van het voorgaande artikel, ter advies aan een bezwarenadviescommissie wordt voorgelegd
12.3. In bijzondere gevallen kunnen er door het bestuur subadviescommissies worden samengesteld.
12.4. De bezwarenadviescommissie en de subcommissies bestaan uit ten hoogste vijf leden die worden benoemd door de het bestuur.
12.5. De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter worden door het bestuur in functie benoemd. Leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies voor bezwaarschriften maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het Fonds.
12.6. Leden van de bezwarenadviescommissie en haar subcommissies worden benoemd voor ten hoogste twee jaar met de mogelijkheid tot herbenoeming van ten hoogste twee jaar.
12.7. De leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies genieten per vergadering een door het bestuur, met goedkeuring van de Raad van toezicht, vast te stellen vacatiegeld en een vergoeding van de reis- en verblijfskosten. De leden van de Raad van toezicht genieten per vergadering een vacatiegeld en een vergoeding van reiskosten
12.8. Leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift dat betrekking heeft op een aangelegenheid waarbij zij op enigerlei wijze direct of indirect persoonlijk zijn betrokken.
12.9. Het bezwaarschrift en het verslag van de hoorzitting worden steeds doorgestuurd naar de voorzitter van de adviescommissie die bij het besluit in primo betrokken is geweest. Als de voorzitter bemerkt dat er sprake is van misverstanden of feitelijkheden anders dan ‘een verschil van mening in artistiek opzicht’ meldt hij dit schriftelijk en uiterlijk binnen drie weken aan. (invullen)
12.10. Het bestuur van het Fonds neemt het besluit op een bezwaarschrift met inachtneming van het advies van de functionaris of het advies van de bezwarenadviescommissie en subcommissies.
12.2. In bijzondere gevallen kan het bestuur bepalen dat een bezwaarschrift in afwijking van het voorgaande artikel, ter advies aan een bezwarenadviescommissie wordt voorgelegd
12.3. In bijzondere gevallen kunnen er door het bestuur subadviescommissies worden samengesteld.
12.4. De bezwarenadviescommissie en de subcommissies bestaan uit ten hoogste vijf leden die worden benoemd door de het bestuur.
12.5. De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter worden door het bestuur in functie benoemd. Leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies voor bezwaarschriften maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het Fonds.
12.6. Leden van de bezwarenadviescommissie en haar subcommissies worden benoemd voor ten hoogste twee jaar met de mogelijkheid tot herbenoeming van ten hoogste twee jaar.
12.7. De leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies genieten per vergadering een door het bestuur, met goedkeuring van de Raad van toezicht, vast te stellen vacatiegeld en een vergoeding van de reis- en verblijfskosten. De leden van de Raad van toezicht genieten per vergadering een vacatiegeld en een vergoeding van reiskosten
12.8. Leden van de bezwarenadviescommissie en de subcommissies nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift dat betrekking heeft op een aangelegenheid waarbij zij op enigerlei wijze direct of indirect persoonlijk zijn betrokken.
12.9. Het bezwaarschrift en het verslag van de hoorzitting worden steeds doorgestuurd naar de voorzitter van de adviescommissie die bij het besluit in primo betrokken is geweest. Als de voorzitter bemerkt dat er sprake is van misverstanden of feitelijkheden anders dan ‘een verschil van mening in artistiek opzicht’ meldt hij dit schriftelijk en uiterlijk binnen drie weken aan. (invullen)
12.10. Het bestuur van het Fonds neemt het besluit op een bezwaarschrift met inachtneming van het advies van de functionaris of het advies van de bezwarenadviescommissie en subcommissies.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0024076
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl