BWBR0034456
Geldig vanaf 01-01-2017
Artikel 8
Deelreglement Suppletie van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film
Uitsluitend aanvragen voor filmproducties die naar het oordeel van het bestuur voldoen aan de volgende criteria komen in aanmerking voor een subsidie:
1. Er is sprake van een mainstream film of lange animatiefilm gericht op het bereiken van minimaal 150.000 betalende bezoekers in de Nederlandse bioscopen.
2. Ten genoegen van het bestuur van het Fonds dient te worden aangetoond dat: a. de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
b. de publieksprognose mede onderbouwd is door een filmdistributeur die ook schriftelijk verklaart onvoorwaardelijk een financiële bijdrage te leveren aan de financiering;
c. 30 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of financiële toezeggingen;
d. de aanvrager beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
e. de filmproductie landelijk in de Nederlandse bioscopen zal worden uitgebracht en tevens een non theatrical release zal krijgen;
f.. het Fonds op grond van het beoogde publieksbereik vanaf een medium exploitatiescenario een substantieel deel van zijn subsidie kan terug ontvangen uit de exploitatieopbrengsten.
a. de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
b. de publieksprognose mede onderbouwd is door een filmdistributeur die ook schriftelijk verklaart onvoorwaardelijk een financiële bijdrage te leveren aan de financiering;
c. 30 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of financiële toezeggingen;
d. de aanvrager beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
e. de filmproductie landelijk in de Nederlandse bioscopen zal worden uitgebracht en tevens een non theatrical release zal krijgen;
f.. het Fonds op grond van het beoogde publieksbereik vanaf een medium exploitatiescenario een substantieel deel van zijn subsidie kan terug ontvangen uit de exploitatieopbrengsten.
3. Het bestuur kan zich over de toets aan de vereisten zoals genoemd in artikel 7 en de beoordeling van de criteria zoals genoemd in artikel 8 lid 1 en 2 laten adviseren door ad hoc adviseurs. Op hen is van toepassing artikel 7 van het Huishoudelijk Reglement van het Fonds. Het bestuur betrekt het advies van de ad hoc adviseurs bij zijn besluit over de aanvraag.
1. Er is sprake van een mainstream film of lange animatiefilm gericht op het bereiken van minimaal 150.000 betalende bezoekers in de Nederlandse bioscopen.
2. Ten genoegen van het bestuur van het Fonds dient te worden aangetoond dat: a. de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
b. de publieksprognose mede onderbouwd is door een filmdistributeur die ook schriftelijk verklaart onvoorwaardelijk een financiële bijdrage te leveren aan de financiering;
c. 30 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of financiële toezeggingen;
d. de aanvrager beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
e. de filmproductie landelijk in de Nederlandse bioscopen zal worden uitgebracht en tevens een non theatrical release zal krijgen;
f.. het Fonds op grond van het beoogde publieksbereik vanaf een medium exploitatiescenario een substantieel deel van zijn subsidie kan terug ontvangen uit de exploitatieopbrengsten.
a. de publieksprognose onderbouwd is door het filmplan met alle daartoe behorende bijlagen en stukken;
b. de publieksprognose mede onderbouwd is door een filmdistributeur die ook schriftelijk verklaart onvoorwaardelijk een financiële bijdrage te leveren aan de financiering;
c. 30 procent van de benodigde financiering van de productiekosten reeds onvoorwaardelijk en aantoonbaar is toegezegd door derden in de vorm van bestuursbesluiten en/of financiële toezeggingen;
d. de aanvrager beschikt over de exclusieve (optie op) verfilmings- en exploitatierechten die noodzakelijk zijn voor de realisering en exploitatie van de filmproductie;
e. de filmproductie landelijk in de Nederlandse bioscopen zal worden uitgebracht en tevens een non theatrical release zal krijgen;
f.. het Fonds op grond van het beoogde publieksbereik vanaf een medium exploitatiescenario een substantieel deel van zijn subsidie kan terug ontvangen uit de exploitatieopbrengsten.
3. Het bestuur kan zich over de toets aan de vereisten zoals genoemd in artikel 7 en de beoordeling van de criteria zoals genoemd in artikel 8 lid 1 en 2 laten adviseren door ad hoc adviseurs. Op hen is van toepassing artikel 7 van het Huishoudelijk Reglement van het Fonds. Het bestuur betrekt het advies van de ad hoc adviseurs bij zijn besluit over de aanvraag.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0034456
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl