BWBR0002399
Geldig vanaf 2013-04-19
Artikel 10b8
Wet op het voortgezet onderwijs
1. Het bevoegd gezag kan bij de school ingeschreven leerlingen die daarbij naar zijn oordeel gebaat zijn, in de gelegenheid stellen om geheel of gedeeltelijk in plaats van de basisberoepsgerichte leerweg een entreeopleiding te volgen, met inachtneming van de artikelen 7.2.7en 8.1.1, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs.
2. De entreeopleiding stemt overeen met het programma-aanbod van de beroepsgerichte programma’s van de basisberoepsgerichte leerweg die aan de school wordt verzorgd.
3. Het bevoegd gezag is niet gehouden, leerlingen die een entreeopleiding volgen als bedoeld in het eerste lid, gelegenheid te geven om aan de school een eindexamen in de basisberoepsgerichte leerweg af te leggen als bedoeld in artikel 29, eerste lid.
4. Leerlingen die een entreeopleiding volgen als bedoeld in het eerste lid, worden aangemerkt als leerlingen van de basisberoepsgerichte leerweg waarvoor de entreeopleiding geheel of gedeeltelijk in de plaats treedt.
5. Ten aanzien van bij de school ingeschreven leerlingen jonger dan 16 jaar wordt de entreeopleiding verzorgd met inachtneming van de volgende vereisten:
a. de beroepspraktijkvorming, bedoeld in de artikelen 7.2.8 en 7.2.9 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, omvat uitsluitend het verrichten van lichte arbeid van geschikte aard,
b. in plaats van de basisberoepsgerichte leerweg wordt geheel of gedeeltelijk zowel binnenschools als buitenschools onderricht in de praktijk van het beroep verzorgd,
c. een gekwalificeerde mentor of docentbegeleider bewaakt de voortgang van het onderricht in de praktijk van het beroep, en
d. het binnenschools en buitenschools onderricht in de praktijk van het beroep worden geïntegreerd verzorgd.
2. De entreeopleiding stemt overeen met het programma-aanbod van de beroepsgerichte programma’s van de basisberoepsgerichte leerweg die aan de school wordt verzorgd.
3. Het bevoegd gezag is niet gehouden, leerlingen die een entreeopleiding volgen als bedoeld in het eerste lid, gelegenheid te geven om aan de school een eindexamen in de basisberoepsgerichte leerweg af te leggen als bedoeld in artikel 29, eerste lid.
4. Leerlingen die een entreeopleiding volgen als bedoeld in het eerste lid, worden aangemerkt als leerlingen van de basisberoepsgerichte leerweg waarvoor de entreeopleiding geheel of gedeeltelijk in de plaats treedt.
5. Ten aanzien van bij de school ingeschreven leerlingen jonger dan 16 jaar wordt de entreeopleiding verzorgd met inachtneming van de volgende vereisten:
a. de beroepspraktijkvorming, bedoeld in de artikelen 7.2.8 en 7.2.9 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, omvat uitsluitend het verrichten van lichte arbeid van geschikte aard,
b. in plaats van de basisberoepsgerichte leerweg wordt geheel of gedeeltelijk zowel binnenschools als buitenschools onderricht in de praktijk van het beroep verzorgd,
c. een gekwalificeerde mentor of docentbegeleider bewaakt de voortgang van het onderricht in de praktijk van het beroep, en
d. het binnenschools en buitenschools onderricht in de praktijk van het beroep worden geïntegreerd verzorgd.