BWBR0003075
Geldig vanaf 2001-05-30
Artikel 21
Comptabiliteitswet
1. Onze ministers, ieder met betrekking tot de begrotingen waarover hij het beheer voert, dragen aan de centrale directie financieel-economische zaken van hun ministerie de zorg op voor de begrotingszaken en de daarmee samenhangende administraties. De zorg voor de begrotingszaken omvat mede het beoordelen van de aan Onze betrokken minister voor te leggen voorstellen betreffende de begrotingen en de meerjarenramingen alsmede het uitoefenen van toezicht op de uitvoering van de begrotingen.
2. In overeenstemming met Onze Minister van Financiën kan op een andere wijze in de zorg voor de begrotingszaken en de daarmee samenhangende administraties worden voorzien.
3. In overeenstemming met Onze Minister van Financiën wijzen Onze ministers het hoofd aan van de centrale directie, bedoeld in het eerste lid, en trekken zij een zodanige aanwijzing in.
4. Onze ministers doen schriftelijk mededeling aan de Algemene Rekenkamer van:
a. een toepassing van het bepaalde in het tweede lid;
b. een aanwijzing en een intrekking, bedoeld in het derde lid.
2. In overeenstemming met Onze Minister van Financiën kan op een andere wijze in de zorg voor de begrotingszaken en de daarmee samenhangende administraties worden voorzien.
3. In overeenstemming met Onze Minister van Financiën wijzen Onze ministers het hoofd aan van de centrale directie, bedoeld in het eerste lid, en trekken zij een zodanige aanwijzing in.
4. Onze ministers doen schriftelijk mededeling aan de Algemene Rekenkamer van:
a. een toepassing van het bepaalde in het tweede lid;
b. een aanwijzing en een intrekking, bedoeld in het derde lid.