BWBR0003075
Geldig vanaf 2001-05-30
Artikel 6
Comptabiliteitswet
1. De begroting van het koninklijk huis bevat de uitkeringen aan de leden van dat huis.
2. De begroting van nationale schuld bevat in afzonderlijke begrotingsartikelen ramingen met betrekking tot:
a. de rente en de kosten van de vaste schuld;
b. de rente en de kosten van de vlottende schuld;
c. de uitgaven wegens aflossing van de vaste schuld;
d. de ontvangsten wegens uitgifte van vaste schuld.
3. In afwijking van het tweede lid neemt Onze Minister van Financiën de vergoedingen en de kosten die voortvloeien uit vermogens- of financieringstransacties, andere dan transacties met betrekking tot de vaste of de vlottende schuld, als raming op in de begrotingsartikelen inzake de rente en de kosten van de vaste of de vlottende schuld.
2. De begroting van nationale schuld bevat in afzonderlijke begrotingsartikelen ramingen met betrekking tot:
a. de rente en de kosten van de vaste schuld;
b. de rente en de kosten van de vlottende schuld;
c. de uitgaven wegens aflossing van de vaste schuld;
d. de ontvangsten wegens uitgifte van vaste schuld.
3. In afwijking van het tweede lid neemt Onze Minister van Financiën de vergoedingen en de kosten die voortvloeien uit vermogens- of financieringstransacties, andere dan transacties met betrekking tot de vaste of de vlottende schuld, als raming op in de begrotingsartikelen inzake de rente en de kosten van de vaste of de vlottende schuld.