BWBR0004375
Geldig vanaf 1988-08-29
Artikel 3
Beschikking ter zake van het uit produktie nemen van bouwland
1. De subsidie kan slechts worden verleend aan natuurlijke personen en rechtspersonen, indien:
a. zij als bedrijfshoofd op het tijdstip van de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening voor eigen rekening en risico als eigenaar, zakelijk gerechtigde, of in het in artikel 7 bedoelde geval als pachter, dan wel in de in artikelen 8 of 9 bedoelde gevallen als persoonlijk gerechtigde anders dan de pachter, een landbouwbedrijf exploiteren met als zodanig in gebruik zijnde bouwland;
b. zij gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 het in onderdeel a bedoelde landbouwbedrijf met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig voor eigen rekening en risico hebben geëxploiteerd;
c. de natuurlijke persoon dan wel de bedrijfsleider van de rechtspersoon op het tijdstip van de indiening van de aanvraag geen recht hebben op een ouderdomspensioen ingevolge het bepaalde in de Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281).
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, kan een subsidie eveneens worden verleend indien natuurlijke personen of rechtspersonen, na het begin van het verkoopseizoen 1987/1988 en vóór het tijdstip van de indiening van de aanvraag een landbouwbedrijf als geheel in eigendom hebben verworven, daarop een zakelijk recht hebben verkregen, in het in artikel 7bedoelde geval hebben gepacht, in de in de artikelen 8of 9bedoelde gevallen daarop een persoonlijk recht anders dan pacht hebben verkregen, of als eigenaar of verpachter van een landbouwbedrijf dit bedrijf weer als geheel in gebruik hebben verkregen, indien:
a. dit bedrijf gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig is geëxploiteerd;
b. zij dit bedrijf met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig, gedurende een verkoopseizoen voorafgaand aan het tijdstip van de indiening van de aanvraag blijkens de gegevens van de aan dit verkoopseizoen voorafgaande landbouwtelling, voor eigen rekening en risico hebben geëxploiteerd.
3. Indien meer dan één natuurlijke persoon of rechtspersoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteren met als zodanig in gebruik zijnd bouwland, kan een subsidie worden verleend indien ten minste één van de natuurlijke personen dan wel rechtspersonen op het tijdstip van de indiening van de aanvraag eigenaar, zakelijk gerechtigde, of in het in artikel 7bedoelde geval pachter dan wel in de in artikelen 8of 9bedoelde gevallen persoonlijk gerechtigde anders dan de pachter, (ten aanzien) van dit landbouwbedrijf is en voldoet aan het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, en indien ten minste één van de natuurlijke personen dan wel de bedrijfsleiders van de rechtspersonen voldoet aan het bepaalde in het eerste lid, onderdeel c.
a. zij als bedrijfshoofd op het tijdstip van de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening voor eigen rekening en risico als eigenaar, zakelijk gerechtigde, of in het in artikel 7 bedoelde geval als pachter, dan wel in de in artikelen 8 of 9 bedoelde gevallen als persoonlijk gerechtigde anders dan de pachter, een landbouwbedrijf exploiteren met als zodanig in gebruik zijnde bouwland;
b. zij gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 het in onderdeel a bedoelde landbouwbedrijf met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig voor eigen rekening en risico hebben geëxploiteerd;
c. de natuurlijke persoon dan wel de bedrijfsleider van de rechtspersoon op het tijdstip van de indiening van de aanvraag geen recht hebben op een ouderdomspensioen ingevolge het bepaalde in de Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281).
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, kan een subsidie eveneens worden verleend indien natuurlijke personen of rechtspersonen, na het begin van het verkoopseizoen 1987/1988 en vóór het tijdstip van de indiening van de aanvraag een landbouwbedrijf als geheel in eigendom hebben verworven, daarop een zakelijk recht hebben verkregen, in het in artikel 7bedoelde geval hebben gepacht, in de in de artikelen 8of 9bedoelde gevallen daarop een persoonlijk recht anders dan pacht hebben verkregen, of als eigenaar of verpachter van een landbouwbedrijf dit bedrijf weer als geheel in gebruik hebben verkregen, indien:
a. dit bedrijf gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig is geëxploiteerd;
b. zij dit bedrijf met het uit produktie te nemen bouwland als zodanig, gedurende een verkoopseizoen voorafgaand aan het tijdstip van de indiening van de aanvraag blijkens de gegevens van de aan dit verkoopseizoen voorafgaande landbouwtelling, voor eigen rekening en risico hebben geëxploiteerd.
3. Indien meer dan één natuurlijke persoon of rechtspersoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteren met als zodanig in gebruik zijnd bouwland, kan een subsidie worden verleend indien ten minste één van de natuurlijke personen dan wel rechtspersonen op het tijdstip van de indiening van de aanvraag eigenaar, zakelijk gerechtigde, of in het in artikel 7bedoelde geval pachter dan wel in de in artikelen 8of 9bedoelde gevallen persoonlijk gerechtigde anders dan de pachter, (ten aanzien) van dit landbouwbedrijf is en voldoet aan het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, en indien ten minste één van de natuurlijke personen dan wel de bedrijfsleiders van de rechtspersonen voldoet aan het bepaalde in het eerste lid, onderdeel c.