BWBR0004375
Geldig vanaf 1988-08-29
Artikel 5
Beschikking ter zake van het uit produktie nemen van bouwland
1. De subsidieontvanger dient jaarlijks ten minste 20% van de in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, bedoelde oppervlakte bouwland uit produktie te houden, met dien verstande dat de uit produktie te nemen oppervlakte ten minste uit één aaneengesloten hectare dient te bestaan.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde oppervlakte uit meerdere grondstukken bestaat, dienen deze afzonderlijk telkens uit ten minste één aaneengesloten hectare te bestaan.
3. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kan, indien op de uit produktie te nemen oppervlakte tevens meerjarige cultures worden verbouwd, een subsidie slechts worden verleend indien ten minste 50% van deze oppervlakte gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 als bouwland is geëxploiteerd.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde oppervlakte uit meerdere grondstukken bestaat, dienen deze afzonderlijk telkens uit ten minste één aaneengesloten hectare te bestaan.
3. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kan, indien op de uit produktie te nemen oppervlakte tevens meerjarige cultures worden verbouwd, een subsidie slechts worden verleend indien ten minste 50% van deze oppervlakte gedurende het verkoopseizoen 1987/1988 blijkens de gegevens van de landbouwtelling 1987 als bouwland is geëxploiteerd.