BWBR0005891
Geldig vanaf 18-04-1993
Artikel 15
Tuchtrechtreglement Skal
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 14 wordt de betrokken aangeslotene binnen een termijn van twee maanden nadat een zaak tegen hem bij het tuchtgerecht aanhangig is gemaakt, onderscheidenlijk binnen twee maanden nadat overeenkomstig artikel 14. derde lid, mondelinge behandeling is verzocht, bij aangetekende brief opgeroepen om op een door de voorzitter te bepalen dag en uur ter zitting te verschijnen. De oproeping wordt tenminste veertien dagen voor de dag der zitting aan hem toegezonden en vermeldt de plaats der zitting.
2. De oproeping van de aangeslotene gaat vergezeld van een afschrift van de in artikel 12, eerste lid, bedoelde schriftelijke verklaring en van alle op de zaak betrekking hebbende stukken.
3. De oproeping houdt in:
a. indien de persoonlijke verschijning als bedoeld in artikel 9 wordt bevolen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen; b. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen;
b. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personenen;
c. de mededeling, dat de aangeslotene bevoegd is getuigen en deskundigen ter zitting mede te brengen;
d. de mededeling, dat de aangeslotene bevoegd is zich ter zitting door een raadsman te doen bijstaan.
4. Het bestuur, dan wel degene die de zaak namens het bestuur aanhangig heeft gemaakt, wordt eveneens ter zitting opgeroepen.
2. De oproeping van de aangeslotene gaat vergezeld van een afschrift van de in artikel 12, eerste lid, bedoelde schriftelijke verklaring en van alle op de zaak betrekking hebbende stukken.
3. De oproeping houdt in:
a. indien de persoonlijke verschijning als bedoeld in artikel 9 wordt bevolen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen; b. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personen;
b. indien getuigen en deskundigen ter zitting zijn opgeroepen, de namen, het beroep en de woonplaats van deze personenen;
c. de mededeling, dat de aangeslotene bevoegd is getuigen en deskundigen ter zitting mede te brengen;
d. de mededeling, dat de aangeslotene bevoegd is zich ter zitting door een raadsman te doen bijstaan.
4. Het bestuur, dan wel degene die de zaak namens het bestuur aanhangig heeft gemaakt, wordt eveneens ter zitting opgeroepen.
- Citeren als
- Art. 15
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0005891
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl