BWBR0014563
Geldig vanaf 23-08-2003
Artikel 4
Zuivelverordening 2003, Inrichtingseisen zuivelbereiding
Inrichtingen moeten ten minste zijn voorzien van:
1. werkplaatsen die groot genoeg zijn om de beroepsactiviteiten onder behoorlijke hygiënische omstandigheden te kunnen uitvoeren. Deze plaatsen moeten zo zijn ontworpen en ingericht dat besmetting van de grondstoffen in de in deze verordening bedoelde producten wordt voorkomen De productie van warmte behandelde melk of de bereiding van producten op basis van melk die een besmettingsrisico kunnen inhouden voor de andere in deze verordening bedoelde producten, moet in een geheel afzonderlijke werkplaats plaatsvinden;
2. op plaatsen waar de grondstoffen worden gehanteerd, geprepareerd en verwerkt en de in deze verordening bedoelde producten worden bereid: a. vloeren uit ondoordringbaar, duurzaam, gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten materiaal, die zo zijn aangelegd dat het water gemakkelijk kan wegvloeien, en die zijn uitgerust met een voorziening voor de afvoer van water;
b. gemakkelijk te reinigen, duurzame en ondoordringbare wanden met gladde oppervlakken, die van een heldere bekleding zijn voorzien;
c. een gemakkelijk te reinigen plafond in de lokalen waar grondstoffen of producten zonder eindverpakking die besmet kunnen raken, gehanteerd, bereid of verwerkt worden;
d. deuren van bestendig, gemakkelijk te reinigen materiaal;
e. voldoende luchtverversingen, indien nodig, een goede dampafvoer;
f. voldoende verlichting, door daglicht of door kunstlicht;
g. voldoende voorzieningen met koud en warm stromend water of met vooraf op een passende temperatuur gemengd water voor het wassen en ontsmetten van de handen. In de werklokalen en in de toiletten mogen de kranen niet met de hand kunnen worden bediend. De voorzieningen moeten zijn toegerust met was- en ontsmettingsmiddelen alsmede met hygiënische middelen voor het drogen van de handen;
h. voorzieningen voor het reinigen van de werktuigen, het materieel en de installaties;
a. vloeren uit ondoordringbaar, duurzaam, gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten materiaal, die zo zijn aangelegd dat het water gemakkelijk kan wegvloeien, en die zijn uitgerust met een voorziening voor de afvoer van water;
b. gemakkelijk te reinigen, duurzame en ondoordringbare wanden met gladde oppervlakken, die van een heldere bekleding zijn voorzien;
c. een gemakkelijk te reinigen plafond in de lokalen waar grondstoffen of producten zonder eindverpakking die besmet kunnen raken, gehanteerd, bereid of verwerkt worden;
d. deuren van bestendig, gemakkelijk te reinigen materiaal;
e. voldoende luchtverversingen, indien nodig, een goede dampafvoer;
f. voldoende verlichting, door daglicht of door kunstlicht;
g. voldoende voorzieningen met koud en warm stromend water of met vooraf op een passende temperatuur gemengd water voor het wassen en ontsmetten van de handen. In de werklokalen en in de toiletten mogen de kranen niet met de hand kunnen worden bediend. De voorzieningen moeten zijn toegerust met was- en ontsmettingsmiddelen alsmede met hygiënische middelen voor het drogen van de handen;
h. voorzieningen voor het reinigen van de werktuigen, het materieel en de installaties;
3. voor lokalen waar grondstoffen en de in deze verordening bedoelde producten worden opgeslagen gelden dezelfde voorwaarden als in lid 2, onder a tot en met f, tenzij: het lokalen voor gekoelde opslag betreft, waar kan worden volstaan met een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten vloer die zo is aangelegd dat water gemakkelijk kan wegvloeien,
het lokalen waar wordt ingevroren of diepgevroren betreft, waar kan worden volstaan met vloeren uit ondoordringbaar, gemakkelijk te reinigen materiaal dat niet kan rotten. In die gevallen moet een installatie met voldoende koelcapaciteit beschikbaar zijn om te garanderen dat de grondstoffen en de producten onder de bij deze verordening voorgeschreven temperaturen worden bewaard. De capaciteit van de opslagruimtes moet toereikend zijn voor de opslag van de gebruikte grondstoffen en van de in deze verordening bedoelde producten;
het lokalen voor gekoelde opslag betreft, waar kan worden volstaan met een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten vloer die zo is aangelegd dat water gemakkelijk kan wegvloeien,
het lokalen waar wordt ingevroren of diepgevroren betreft, waar kan worden volstaan met vloeren uit ondoordringbaar, gemakkelijk te reinigen materiaal dat niet kan rotten.
4. voorzieningen voer hygiënisch intern transport en voorzieningen ter bescherming van de grondstoffen en de eindproducten zonder onmiddellijke of eindverpakking tijdens het laden en lossen:
5. passende voorzieningen ter bescherming tegen ongewenste dieren;
6. gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten voorzieningen en werktuigen, van corrosiebestendig materiaal voor direct contact met de grondstoffen en de producten;
7. speciale lekdichte recipiënten van bestendig materiaal voor niet voor menselijke consumptie bestemde grondstoffen of producten. Wanneer deze grondstoffen of producten door leidingen worden afgevoerd, moeten deze zodanig zijn gebouwd en geplaatst dat geen gevaar ontslaat voor besmetting van de andere grondstoffen of producten;
8. passende installaties voor het reinigen en het ontsmetten van het materieel en de gereedschappen;
9. een hygiënische voorziening voor de afvoer van afvalwater;
10. apparatuur die uitsluitend drinkwater levert in de zin van artikel 5 van het Warenwetbesluit Bereiding en behandeling van levensmiddelen (Stb 1992, 678). Bij wijze van uitzondering is levering van niet drinkbaar water evenwel toegelaten voor de productie van stoom, voor brandbestrijding of voor het koelen, op voorwaarde dat de daartoe aangebrachte leidingen het gebruik van dit water voor andere doeleinden onmogelijk maken en geen direct of indirect gevaar voor besmetting van het product opleveren. De leidingen voor niet drinkbaar water moeten goed kunnen worden onderscheiden van de drinkwaterleidingen;
11. een voldoende aantal kleedlokalen, met gladde, ondoordringbare en afwasbare wanden en vloeren, wasgelegenheden, alsmede toiletten met waterspoeling. De toiletten mogen geen rechtstreekse toegang tot de werklokalen geven. De wasgelegenheid moet voorzien zijn van middelen voor het wassen van de handen, en hygiënische voorzieningen voor het drogen van de handen. De kranen van de wasgelegenheden mogen niet met de hand kunnen worden bediend;
12. indien de hoeveelheid behandelde producten de regelmatige of permanente aanwezigheid van de bevoegde autoriteit vergt, een voldoende ingericht afsluitbaar lokaal dat uitsluitend ter beschikking van die instantie staat;
13. een lokaal of een voorziening voor het opslaan van reinigings- en ontsmettingsmiddelen of andere dergelijke stoffen;
14. een lokaal of een kast voor het opbergen van reinigings- en onderhoudsmateriaal;
15. passende apparatuur voor reinigen en ontsmetten van het vervoer van melk en producten op basis van melk (in vloeibare of poedervorm) gebruikte tanks.
1. werkplaatsen die groot genoeg zijn om de beroepsactiviteiten onder behoorlijke hygiënische omstandigheden te kunnen uitvoeren. Deze plaatsen moeten zo zijn ontworpen en ingericht dat besmetting van de grondstoffen in de in deze verordening bedoelde producten wordt voorkomen De productie van warmte behandelde melk of de bereiding van producten op basis van melk die een besmettingsrisico kunnen inhouden voor de andere in deze verordening bedoelde producten, moet in een geheel afzonderlijke werkplaats plaatsvinden;
2. op plaatsen waar de grondstoffen worden gehanteerd, geprepareerd en verwerkt en de in deze verordening bedoelde producten worden bereid: a. vloeren uit ondoordringbaar, duurzaam, gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten materiaal, die zo zijn aangelegd dat het water gemakkelijk kan wegvloeien, en die zijn uitgerust met een voorziening voor de afvoer van water;
b. gemakkelijk te reinigen, duurzame en ondoordringbare wanden met gladde oppervlakken, die van een heldere bekleding zijn voorzien;
c. een gemakkelijk te reinigen plafond in de lokalen waar grondstoffen of producten zonder eindverpakking die besmet kunnen raken, gehanteerd, bereid of verwerkt worden;
d. deuren van bestendig, gemakkelijk te reinigen materiaal;
e. voldoende luchtverversingen, indien nodig, een goede dampafvoer;
f. voldoende verlichting, door daglicht of door kunstlicht;
g. voldoende voorzieningen met koud en warm stromend water of met vooraf op een passende temperatuur gemengd water voor het wassen en ontsmetten van de handen. In de werklokalen en in de toiletten mogen de kranen niet met de hand kunnen worden bediend. De voorzieningen moeten zijn toegerust met was- en ontsmettingsmiddelen alsmede met hygiënische middelen voor het drogen van de handen;
h. voorzieningen voor het reinigen van de werktuigen, het materieel en de installaties;
a. vloeren uit ondoordringbaar, duurzaam, gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten materiaal, die zo zijn aangelegd dat het water gemakkelijk kan wegvloeien, en die zijn uitgerust met een voorziening voor de afvoer van water;
b. gemakkelijk te reinigen, duurzame en ondoordringbare wanden met gladde oppervlakken, die van een heldere bekleding zijn voorzien;
c. een gemakkelijk te reinigen plafond in de lokalen waar grondstoffen of producten zonder eindverpakking die besmet kunnen raken, gehanteerd, bereid of verwerkt worden;
d. deuren van bestendig, gemakkelijk te reinigen materiaal;
e. voldoende luchtverversingen, indien nodig, een goede dampafvoer;
f. voldoende verlichting, door daglicht of door kunstlicht;
g. voldoende voorzieningen met koud en warm stromend water of met vooraf op een passende temperatuur gemengd water voor het wassen en ontsmetten van de handen. In de werklokalen en in de toiletten mogen de kranen niet met de hand kunnen worden bediend. De voorzieningen moeten zijn toegerust met was- en ontsmettingsmiddelen alsmede met hygiënische middelen voor het drogen van de handen;
h. voorzieningen voor het reinigen van de werktuigen, het materieel en de installaties;
3. voor lokalen waar grondstoffen en de in deze verordening bedoelde producten worden opgeslagen gelden dezelfde voorwaarden als in lid 2, onder a tot en met f, tenzij: het lokalen voor gekoelde opslag betreft, waar kan worden volstaan met een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten vloer die zo is aangelegd dat water gemakkelijk kan wegvloeien,
het lokalen waar wordt ingevroren of diepgevroren betreft, waar kan worden volstaan met vloeren uit ondoordringbaar, gemakkelijk te reinigen materiaal dat niet kan rotten. In die gevallen moet een installatie met voldoende koelcapaciteit beschikbaar zijn om te garanderen dat de grondstoffen en de producten onder de bij deze verordening voorgeschreven temperaturen worden bewaard. De capaciteit van de opslagruimtes moet toereikend zijn voor de opslag van de gebruikte grondstoffen en van de in deze verordening bedoelde producten;
het lokalen voor gekoelde opslag betreft, waar kan worden volstaan met een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten vloer die zo is aangelegd dat water gemakkelijk kan wegvloeien,
het lokalen waar wordt ingevroren of diepgevroren betreft, waar kan worden volstaan met vloeren uit ondoordringbaar, gemakkelijk te reinigen materiaal dat niet kan rotten.
4. voorzieningen voer hygiënisch intern transport en voorzieningen ter bescherming van de grondstoffen en de eindproducten zonder onmiddellijke of eindverpakking tijdens het laden en lossen:
5. passende voorzieningen ter bescherming tegen ongewenste dieren;
6. gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten voorzieningen en werktuigen, van corrosiebestendig materiaal voor direct contact met de grondstoffen en de producten;
7. speciale lekdichte recipiënten van bestendig materiaal voor niet voor menselijke consumptie bestemde grondstoffen of producten. Wanneer deze grondstoffen of producten door leidingen worden afgevoerd, moeten deze zodanig zijn gebouwd en geplaatst dat geen gevaar ontslaat voor besmetting van de andere grondstoffen of producten;
8. passende installaties voor het reinigen en het ontsmetten van het materieel en de gereedschappen;
9. een hygiënische voorziening voor de afvoer van afvalwater;
10. apparatuur die uitsluitend drinkwater levert in de zin van artikel 5 van het Warenwetbesluit Bereiding en behandeling van levensmiddelen (Stb 1992, 678). Bij wijze van uitzondering is levering van niet drinkbaar water evenwel toegelaten voor de productie van stoom, voor brandbestrijding of voor het koelen, op voorwaarde dat de daartoe aangebrachte leidingen het gebruik van dit water voor andere doeleinden onmogelijk maken en geen direct of indirect gevaar voor besmetting van het product opleveren. De leidingen voor niet drinkbaar water moeten goed kunnen worden onderscheiden van de drinkwaterleidingen;
11. een voldoende aantal kleedlokalen, met gladde, ondoordringbare en afwasbare wanden en vloeren, wasgelegenheden, alsmede toiletten met waterspoeling. De toiletten mogen geen rechtstreekse toegang tot de werklokalen geven. De wasgelegenheid moet voorzien zijn van middelen voor het wassen van de handen, en hygiënische voorzieningen voor het drogen van de handen. De kranen van de wasgelegenheden mogen niet met de hand kunnen worden bediend;
12. indien de hoeveelheid behandelde producten de regelmatige of permanente aanwezigheid van de bevoegde autoriteit vergt, een voldoende ingericht afsluitbaar lokaal dat uitsluitend ter beschikking van die instantie staat;
13. een lokaal of een voorziening voor het opslaan van reinigings- en ontsmettingsmiddelen of andere dergelijke stoffen;
14. een lokaal of een kast voor het opbergen van reinigings- en onderhoudsmateriaal;
15. passende apparatuur voor reinigen en ontsmetten van het vervoer van melk en producten op basis van melk (in vloeibare of poedervorm) gebruikte tanks.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014563
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl