BWBR0014563
Geldig vanaf 23-08-2003
Artikel 7
Zuivelverordening 2003, Inrichtingseisen zuivelbereiding
Onverminderd de in artikel 4 bedoelde algemene voorwaarden moeten melkbehandelings- en melkverwerkingsinrichtingen ten minste beschikken over:
a. een installatie om op passende wijze machinaal het vullen en de automatische sluiting na het afvullen uit te voeren van recipiënten voor de onmiddellijke verpakking van warmte behandelde consumptiemelk en vloeibare producten op basis van melk, voor zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden. Deze eis geldt niet voor bussen, tanks en verpakkingen van meer dan 4 liter. Voor een beperkte productie van vloeibare drinkmelk kan de voorzitter, gehoord de bevoegde autoriteit, evenwel andere methoden toestaan waarbij gebruik wordt gemaakt van niet- automatische vullings- en sluitingsmethoden, op voorwaarde dat deze methoden gelijkwaardige garanties bieden ten aanzien van de hygiëne.
b. installatie voor het koelen en het koel opslaan van warmte behandelde melk en van vloeibare producten op basis van melk, en,
rauwe melk voorzover deze verrichtingen daar plaatsvinden, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 5 en 6, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 10, 11 en 12 van deze verordening en artikel 3. lid 1 en artikel 4 van de Warenwetregeling Zuivelbereiding (Stcrt. 1994, 243), alsmede de hoofdstukken III en IV van de bijlage van de Landbouwkwaliteitsregeling rauwe melk en zuivelbereiding (Stcrt 1994, 25);
warmte behandelde melk en van vloeibare producten op basis van melk, en,
rauwe melk voorzover deze verrichtingen daar plaatsvinden, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 5 en 6,
c. in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten voor eenmalig gebruik, een plaats voor de opslag daarvan, alsmede voor de opslag van de grondstoffen waarvan die recipiënten worden vervaardigd;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten die opnieuw kunnen worden gebruikt, een aparte plaats voor de opslag daarvan, alsmede een installatie voor het mechanisch reinigen en ontsmetten van die recipiënten;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten voor eenmalig gebruik, een plaats voor de opslag daarvan, alsmede voor de opslag van de grondstoffen waarvan die recipiënten worden vervaardigd;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten die opnieuw kunnen worden gebruikt, een aparte plaats voor de opslag daarvan, alsmede een installatie voor het mechanisch reinigen en ontsmetten van die recipiënten;
d. recipiënten voor de opslag van rauwe melk, een installatie voor standaardisering en recipiënten voor de opslag van gestandaardiseerde melk;
e. in voorkomend geval, centrifuges of andere adequate apparaten voor fysische zuivering van de melk:
f. door de bevoegde autoriteit toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling, voorzien van: 1. wat melkbehandelingsinrichtingen betreft door de bevoegde autoriteit goedgekeurde of toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling van de melk, voorzien van: een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is. De voorzitter kan, gehoord de bevoegde autoriteit, ontheffing verlenen van het voorgaande mits gebruik wordt gemaakt van andere apparatuur die gelijkwaardige prestaties met dezelfde gezondheidsgaranties levert.
een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is.
2. wat melkverwerkingsinrichtingen betreft, apparatuur en een methode voor de verhitting, de thermisatie of de warmtebehandeling welke aan de hygiënische eisen voldoen, voor zover deze verrichtingen daar plaatsvinden.
1. wat melkbehandelingsinrichtingen betreft door de bevoegde autoriteit goedgekeurde of toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling van de melk, voorzien van: een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is. De voorzitter kan, gehoord de bevoegde autoriteit, ontheffing verlenen van het voorgaande mits gebruik wordt gemaakt van andere apparatuur die gelijkwaardige prestaties met dezelfde gezondheidsgaranties levert.
een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is.
2. wat melkverwerkingsinrichtingen betreft, apparatuur en een methode voor de verhitting, de thermisatie of de warmtebehandeling welke aan de hygiënische eisen voldoen, voor zover deze verrichtingen daar plaatsvinden.
g. een installatie en apparatuur voor het koelen, de onmiddellijke verpakking en het opslaan van ijsproducten op basis van melk, voer zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden;
h. een installatie en apparatuur voor het drogen en de onmiddellijke verpakking van producten op basis van melk in poedervorm, voor zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden.
a. een installatie om op passende wijze machinaal het vullen en de automatische sluiting na het afvullen uit te voeren van recipiënten voor de onmiddellijke verpakking van warmte behandelde consumptiemelk en vloeibare producten op basis van melk, voor zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden. Deze eis geldt niet voor bussen, tanks en verpakkingen van meer dan 4 liter. Voor een beperkte productie van vloeibare drinkmelk kan de voorzitter, gehoord de bevoegde autoriteit, evenwel andere methoden toestaan waarbij gebruik wordt gemaakt van niet- automatische vullings- en sluitingsmethoden, op voorwaarde dat deze methoden gelijkwaardige garanties bieden ten aanzien van de hygiëne.
b. installatie voor het koelen en het koel opslaan van warmte behandelde melk en van vloeibare producten op basis van melk, en,
rauwe melk voorzover deze verrichtingen daar plaatsvinden, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 5 en 6, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 10, 11 en 12 van deze verordening en artikel 3. lid 1 en artikel 4 van de Warenwetregeling Zuivelbereiding (Stcrt. 1994, 243), alsmede de hoofdstukken III en IV van de bijlage van de Landbouwkwaliteitsregeling rauwe melk en zuivelbereiding (Stcrt 1994, 25);
warmte behandelde melk en van vloeibare producten op basis van melk, en,
rauwe melk voorzover deze verrichtingen daar plaatsvinden, in de gevallen als bedoeld in de artikelen 5 en 6,
c. in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten voor eenmalig gebruik, een plaats voor de opslag daarvan, alsmede voor de opslag van de grondstoffen waarvan die recipiënten worden vervaardigd;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten die opnieuw kunnen worden gebruikt, een aparte plaats voor de opslag daarvan, alsmede een installatie voor het mechanisch reinigen en ontsmetten van die recipiënten;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten voor eenmalig gebruik, een plaats voor de opslag daarvan, alsmede voor de opslag van de grondstoffen waarvan die recipiënten worden vervaardigd;
in geval van onmiddellijke verpakking in recipiënten die opnieuw kunnen worden gebruikt, een aparte plaats voor de opslag daarvan, alsmede een installatie voor het mechanisch reinigen en ontsmetten van die recipiënten;
d. recipiënten voor de opslag van rauwe melk, een installatie voor standaardisering en recipiënten voor de opslag van gestandaardiseerde melk;
e. in voorkomend geval, centrifuges of andere adequate apparaten voor fysische zuivering van de melk:
f. door de bevoegde autoriteit toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling, voorzien van: 1. wat melkbehandelingsinrichtingen betreft door de bevoegde autoriteit goedgekeurde of toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling van de melk, voorzien van: een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is. De voorzitter kan, gehoord de bevoegde autoriteit, ontheffing verlenen van het voorgaande mits gebruik wordt gemaakt van andere apparatuur die gelijkwaardige prestaties met dezelfde gezondheidsgaranties levert.
een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is.
2. wat melkverwerkingsinrichtingen betreft, apparatuur en een methode voor de verhitting, de thermisatie of de warmtebehandeling welke aan de hygiënische eisen voldoen, voor zover deze verrichtingen daar plaatsvinden.
1. wat melkbehandelingsinrichtingen betreft door de bevoegde autoriteit goedgekeurde of toegelaten apparatuur voor de warmtebehandeling van de melk, voorzien van: een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is. De voorzitter kan, gehoord de bevoegde autoriteit, ontheffing verlenen van het voorgaande mits gebruik wordt gemaakt van andere apparatuur die gelijkwaardige prestaties met dezelfde gezondheidsgaranties levert.
een automatische temperatuurregelaar,
een thermograaf;
een automatische beveiliging tegen onder verhitting,
een adequate beveiliging tegen vermenging van de warmte behandelde melk met onvoldoende verhitte melk;
een automatische registrator voor de in het vorige streepje bedoelde beveiliging of een controleprocedure dan wel een vergelijkbaar borgingssysteem om na te gaan of de beveiliging doeltreffend is.
2. wat melkverwerkingsinrichtingen betreft, apparatuur en een methode voor de verhitting, de thermisatie of de warmtebehandeling welke aan de hygiënische eisen voldoen, voor zover deze verrichtingen daar plaatsvinden.
g. een installatie en apparatuur voor het koelen, de onmiddellijke verpakking en het opslaan van ijsproducten op basis van melk, voer zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden;
h. een installatie en apparatuur voor het drogen en de onmiddellijke verpakking van producten op basis van melk in poedervorm, voor zover dergelijke verrichtingen daar plaatsvinden.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014563
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl